Art. V.2.1.1.

§ 1

De elektriciteitsdistributienetbeheerder is, voor het elektriciteitsdistributienet waarvoor hij als beheerder is aangesteld, als enige gemachtigd de meetinrichting ter beschikking te stellen, te plaatsen, aan te passen, te onderhouden, te vervangen, te verwijderen en uit te baten, behoudens andersluidende bepalingen in de voorschriften vermeld in de Aansluitingscode (Deel III) en behoudens in de gevallen bedoeld in §2. De elektriciteitsdistributienetbeheerder is tevens verantwoordelijk voor het verzamelen, valideren, bewerken, ter beschikking stellen en archiveren van de meetgegevens.

§ 2

Als de elektriciteitsdistributienetgebruiker zelf eigenaar is van meetuitrustingen heeft de elektriciteitsdistributienetbeheerder een gebruiksrecht op deze uitrustingen, en worden de modaliteiten van aanpassing, uitbreiding, onderhoud en uitbating, vastgelegd in een overeenkomst met de elektriciteitsdistributienetgebruiker.