Art. V.2.1.5.
De elektriciteitsdistributienetbeheerder heeft het recht aan de meetinrichting alle extra apparatuur toe te voegen die hij nuttig acht voor de uitvoering van zijn taak, onder meer met het oog op het meten van kwaliteitsindicatoren van de spanning en / of de stroom, en de faseverschuiving tussen spanning en stroom.