Afdeling V.3.5.
Validatie en correctie van meetgegevens


Art. V.3.5.1.

§ 1

Als de meetinrichting zich niet ter hoogte van het toegangspunt bevindt, zullen de meetgegevens worden aangepast op basis van een schattingsprocedure die rekening houdt met de fysische verliezen tussen het meetpunt en het toegangspunt.

§ 2

Op voorstel van de elektriciteitsdistributienetbeheerder en na goedkeuring door de VREG kunnen in bepaalde gevallen verliezen stroomopwaarts van het toegangspunt en die betrekking hebben op de aansluiting van de elektriciteitsdistributienetgebruiker, in de aanpassing worden meegerekend.

§ 3

Als de wijze van aanpassing niet is beschreven in het aansluitingscontract, zal de elektriciteitsdistributienetbeheerder op basis van objectieve en niet-discriminerende criteria bepalen welke wijze het meest geschikt is.

§ 4

De fysische verliezen of verliezen stroomopwaarts worden beschouwd als onderdeel van de configuratie van de berekende meter en worden geregistreerd in het toegangsregister.

§ 5

Op eenvoudige schriftelijke aanvraag worden de fysische verliezen of verliezen stroomopwaarts en de manier waarop die de meetgegevens aanpassen, bekendgemaakt binnen tien werkdagen na de aanvraag aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker op het toegangspunt.

Art. V.3.5.2.
Als de datum van de meteropname niet samenvalt met de datum waarop de meterstand bekend moet zijn, zal de elektriciteitsdistributienetbeheerder die meterstand herleiden op basis van de schattingsprincipes, beschreven in Artikel V.3.6.1.

Art. V.3.5.3.

§ 1

Als de elektriciteitsdistributienetbeheerder niet kan beschikken over de werkelijke meetgegevens of als hij van oordeel is dat de beschikbare resultaten niet betrouwbaar of foutief zijn, worden de meetresultaten in kwestie in het validatieproces vervangen door waarden die de elektriciteitsdistributienetbeheerder op basis van objectieve en niet-discriminerende criteria billijk acht.

§ 2

De waarden waardoor de onbetrouwbare of foutieve gegevens worden vervangen zijn de waarden die de uitkomst vormen van een van de volgende schattingsprocedures waarbij de netbeheerder onderstaande volgorde van schattingsprocedures respecteert:
redundante metingen;
andere meetresultaten die de betrokken elektriciteitsdistributienetgebruiker ter beschikking heeft;
vergelijking met de gegevens van een periode die als equivalent wordt beschouwd.

§ 3

De elektriciteitsdistributienetbeheerders publiceren gemeenschappelijk een gedetailleerde beschrijving van de methodiek van de validatie.

Art. V.3.5.4.
Een elektriciteitsdistributienetgebruiker of de toegangshouder op een toegangspunt kan een extra fysieke meteropname bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder aanvragen, als hij van oordeel is dat de ter beschikking gestelde meetgegevens foutief zijn. De kosten voor die extra meteropname komen voor rekening van de elektriciteitsdistributienetbeheerder als de extra meteropname uitwijst dat de door de elektriciteitsdistributienetbeheerder opgenomen meetgegevens foutief waren; in het andere geval worden de kosten door de aanvrager gedragen.