Afdeling V.3.11.
Rechtzettingen


Art. V.3.11.1.
Mogelijke fouten in de informatie van een toegangspunt met betrekking tot de uitgewisselde meetgegevens worden door de toegangshouder en de elektriciteitsdistributienetbeheerder onmiddellijk aan elkaar gemeld. Daartoe stellen zij gezamenlijk een meldings- en afhandelingsprocedure op en beschrijven die in de handleiding voor informatie-uitwisseling. Typefouten of groepen van fouten en de bijbehorende behandeling worden beschreven in een catalogus die wordt geactualiseerd op basis van overleg tussen leveranciers en elektriciteitsdistributienetbeheerders.

Art. V.3.11.2.
De meldings- en afhandelingsprocedure en de in de catalogus beschreven behandeling bevatten minstens volgende stappen:
De leverancier of elektriciteitsdistributienetbeheerder meldt de fout aan de andere partij, met aanduiding van de typefout.
De andere partij beoordeelt de gemelde fout, met terugmelding van de aanvaarding of verwerping van dat bericht binnen twee kalenderdagen na ontvangst. Bij aanvaarding wordt door de ontvangende partij een uniek referentienummer aan de foutmelding toegekend.
De aanvaarde foutmelding wordt behandeld conform de procedure en het tijdschema die in de catalogus vastgelegd zijn.
Beide partijen communiceren aan elkaar over de nodige wijzigingen in de uitgewisselde meetgegevens ter correctie van de fout. Beide partijen nemen de nodige maatregelen om die fout in de eigen gegevensbestanden en processen recht te zetten.
Andere processen en verrekeningen worden al dan niet met terugwerkende kracht (nettarieffactuur, allocatie, reconciliatie) tussen beide partijen gelijktijdig rechtgezet, als dat is overeengekomen tussen leveranciers en netbeheerders en zoals vastgelegd in de catalogus.

Art. V.3.11.3.

ž 1

Een elektriciteitsdistributienetgebruiker kan met inachtname van de periode gespecifieerd in ArtikeláV.3.11.4, zijn afgenomen of ge´njecteerde energiehoeveelheden betwisten bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder of via zijn toegangshouder bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder.

ž 2

Een elektriciteitsdistributienetgebruiker kan met inachtname van de periode gespecifieerd in ArtikeláV.3.11.4 zijn geschatte afgenomen of ge´njecteerde energiehoeveelheden betwisten bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder of via zijn toegangshouder bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder.

ž 3

In uitzondering op voorgaande paragraaf kunnen schattingen van meetgegevens in de specifieke gevallen, vermeld in ArtikeláV.3.1.7 en ArtikeláV.3.1.8, niet betwist worden, tenzij de elektriciteitsdistributienetgebruiker aangeeft dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsmethodieken, beschreven in ArtikeláV.3.6.1.

ž 4

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een fysieke meteropname door de elektriciteitsdistributienetbeheerder, kan de elektriciteitsdistributienetgebruiker een nieuwe fysieke meteropname aanvragen bij de elektriciteitsdistributienetbeheerder overeenkomstig ArtikeláV.3.1.7ž8. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de kosten voor die meteropname gedragen door de elektriciteitsdistributienetbeheerder. In dat geval worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig ArtikeláV.3.11.1.

ž 5

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een meteropname door de elektriciteitsdistributienetgebruiker zelf via een meteropnamekaart, wordt aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker de mogelijkheid geboden nieuwe (actuele) meterstanden door te geven aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig ArtikeláV.3.11.1.

ž 6

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een schatting (of correctie) door de elektriciteitsdistributienetbeheerder, met uitzondering van de gevallen vermeld in ArtikeláV.3.1.7 en ArtikeláV.3.1.8 waarbij de geschatte meterstand niet meer betwist kan worden, wordt aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker de mogelijkheid geboden nieuwe (actuele) meterstanden door te geven aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder. Als die meteropname uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig ArtikeláV.3.11.1.

ž 7

Als de betwiste meterstanden voortkwamen uit een schatting of correctie door de elektriciteitsdistributienetbeheerder en de elektriciteitsdistributienetgebruiker aangeeft dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsprincipes, onderzoekt de elektriciteitsdistributienetbeheerder binnen tien werkdagen of hij een fout heeft gemaakt bij het toepassen van de schattingsmethodieken. Als dit onderzoek uitwijst dat de betwiste meterstanden niet correct waren, herschat de elektriciteitsdistributienetbeheerder de betwiste meterstanden en worden de betwiste meterstanden en indien nodig de daaropvolgende meterstanden rechtgezet overeenkomstig ArtikeláV.3.11.1.

Art. V.3.11.4.
Dit artikel is van toepassing op de gegevens die door een elektriciteitsdistributienetbeheerder aan de toegangshouder worden bezorgd in het kader van de facturatie van een afname of injectie door een elektriciteitsdistributienetgebruiker.
Wanneer een elektriciteitsdistributienetbeheerder overgaat tot een rechtzetting van afgenomen of ge´njecteerde energiehoeveelheden voor een toegangspunt of de inbreng van afgenomen of ge´njecteerde energiehoeveelheden voor een toegangspunt waarvoor in het verleden geen energiehoeveelheden beschikbaar waren (spontaan, op vraag van een leverancier of een elektriciteitsdistributienetgebruiker) moet hij zich houden aan volgende voorwaarden:
1░
De tijdspanne waarvoor de rechtzetting of inbreng kan, behoudens kwade trouw, maximaal plaatsvinden is:
o
voor jaarlijks gemeten toegangspunten:
vanaf de eerste dag van de laatste 2 periodieke meteropnameperiodes
tot aan de dag van de gevalideerde meteropname die aanleiding gaf tot de rechtzetting
met de beperking dat de periode van de rechtzetting of inbreng ten vroegste kan aanvangen op de eerste dag van de maand volgend op de 2 maanden die volgen op de maand van de eindreconciliatie, die geldt op het moment van de rechtzetting.
Eventuele tussenliggende meteropnames (wissel,...)vormen hierop geen belemmering.
o
voor maandelijkse gemeten toegangspunten: de laatste 24 volledig opgenomen maanden voorafgaand aan de dag van de gevalideerde meteropname die aanleiding gaf tot de rechtzetting. Eventuele tussenliggende meteropnames vormen hierop geen belemmering.
o
voor continu gemeten toegangspunten: voor de elementaire meetwaarden die overeenstemmen met de laatste 24 volledig opgenomen maanden, voorafgaand aan de dag van de gevalideerde meteropname die aanleiding gaf tot de rechtzetting.
2░
Voor een toegangspunt zet de elektriciteitsdistributienetbeheerder de in het verleden ontbrekende, geschatte of foutief toegewezen energiehoeveelheden als volgt recht: De elektriciteitsdistributienetbeheerder verdeelt de nieuwe energiehoeveelheid over de periode tijdens dewelke deze energiehoeveelheid werd verbruikt of ge´njecteerd en dit volgens de schattingsregels zoals bepaald in AfdelingáV.3.6 Voor de rechtzetting weerhoudt hij het aandeel uit deze verdeling van de tijdspanne van de rechtzetting zoals bepaald volgens 1░.;
3░
De tarieven die gehanteerd worden voor de facturatie van de rechtzetting of inbreng van deze energiehoeveelheden zijn de tarieven die gehanteerd werden in de verbruiks- of injectieperiode waarvan de energiehoeveelheden rechtgezet of ingebracht worden;
4░
Deze rechtzetting of inbreng van energiehoeveelheden sluit evenwel de mogelijkheid tot een gemeenrechtelijke schadevergoeding niet uit.
Deze voorwaarden gelden ook voor de toegangshouder(s) die deze rechtzetting zal/zullen factureren aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker.
Deze voorwaarden gelden ook voor rechtzetting of inbreng van gegevens andere dan energiehoeveelheden die door een elektriciteitsdistributienetbeheerder aan een toegangshouder worden bezorgd in het kader van de facturatie van een afname of injectie door een elektriciteitsdistributienetgebruiker.
In afwijking van het tweede lid, 1░ wordt in ieder geval de rechtzetting van energiehoeveelheden niet beperkt tot de laatste 2 periodieke meteropnameperiodes voor jaarlijks gemeten toegangspunten of tot de laatste 24 opnamemaanden voor maandelijks en continu gemeten toegangspunten als het gaat om een rechtzetting die gevolg is van een foutieve registratie door de elektriciteitsdistributienetbeheerder van gegevens met betrekking tot een toegangspunt in het toegangsregister, als deze rechtzetting in het voordeel van de elektriciteitsdistributienetgebruiker is. In deze gevallen wordt de rechtzettingstermijn beperkt tot 5 jaar, te rekenen vanaf het moment dat de elektriciteitsdistributienetbeheerder of de toegangshouder kennis heeft genomen van de foutieve registratie.

Art. V.3.11.5.
Hoewel in het toegangsreglement voorzien wordt in een mogelijkheid tot forfaitaire schadeloosstelling ten aanzien van de leverancier voor de niet-naleving van zijn verplichting inzake het verstrekken van gegevens, is de elektriciteitsdistributienetbeheerder niet ontslaan van zijn verplichting om die gegevens alsnog onverwijld te bezorgen aan de leverancier zodra hij erover beschikt.