Hoofdstuk 2.
Duurzaam gebruik van pesticiden


Art. 5.
Dit decreet heeft tot doelstelling de menselijke gezondheid en het leefmilieu te beschermen tegen de risico's die met het gebruik van pesticiden kunnen samenhangen.
In het bijzonder worden daarbij maatregelen vastgesteld waarbij bestrijding zonder pesticideninzet bevorderd wordt en waarbij als prioriteitsvolgorde de volgende hiėrarchie wordt gehanteerd:
het voorkomen van het gebruik van pesticiden;
het gebruik van alternatieve bestrijdingswijzen;
de inzet van chemische middelen op een wijze die het minst risico's voor mens en leefmilieu met zich brengt.

Art. 6.
Het gebruik van pesticiden kan worden gereglementeerd door een verbod of gebruiksbeperkingen op te leggen. Daarbij kan een onderscheid gemaakt worden naar [type werkzame stof,] terreinen in specifieke gebieden, activiteit of doelgroep.
De Vlaamse Regering stelt hiervoor nadere regels vast.

Art. 7.

§ 1

Van het verbod, vermeld in artikel 6, kan om de volgende redenen worden afgeweken:
als er geen afdoende niet-chemische bestrijdingswijzen voorhanden zijn bij:
a)
plagen die een gevaar inhouden voor de mens inzake volksgezondheid of hygiėne;
b)
plagen die een gevaar inhouden voor het milieu, de biodiversiteit of het vee;
c)
situaties die een ernstige bedreiging vormen of kunnen vormen voor de veiligheid van de mens;
als een pesticidenvrij beheer onevenredig hoge kosten met zich meebrengt.

§ 2

De Vlaamse Milieumaatschappij beslist over de aanvragen voor het afleveren van een afwijking als bedoeld in paragraaf 1.
Tegen de beslissing van de Vlaamse Milieumaatschappij over het afleveren van een afwijking kan beroep worden ingediend bij de Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid.
De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast, met inbegrip van een procedure en het opleggen van voorwaarden, voor de toepassing van de afwijkingsmogelijkheden, vermeld in het eerste lid, voor verschillende terreinen, activiteiten of doelgroepen en voor de behandeling van de beroepen.