Afdeling 1.
Het grindcomité


Art. 4.

Binnen het grindfonds wordt een grindcomité opgericht.

 

[...]

 

Het grindcomité bezit rechtspersoonlijkheid.


Art. 5.

§ 1.

Het grindcomité bestaat uit de volgende leden:

twee vertegenwoordigers, aangewezen door de deputatie van de provincie Limburg. Het gaat om de leden van de deputatie die bevoegd zijn voor de ruimtelijke ordening en het leefmilieu of de natuur, of hun afgevaardigden;
de burgemeester van elke grindgemeente die voorkomt op de lijst, vastgesteld conform artikel 5, § 4, of zijn afgevaardigde;
twee leden, aangewezen door de vzw Belbag als representatieve organisatie voor de exploitanten van een grindwinning;
twee leden, aangewezen door de representatieve landbouworganisaties die vertegenwoordigd zijn in de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen;
twee leden, aangewezen door representatieve verenigingen die uitsluitend de bescherming van het leefmilieu en de natuur als doel hebben en vertegenwoordigd zijn in de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen.

 

Een ambtenaar van het departement woont de vergaderingen van het grindcomité bij als raadgever. 

 

§ 2.

Het comité wijst onder haar leden een voorzitter aan.

 

§ 3.

Het mandaat van de leden van het grindcomité is onbezoldigd. Het comité regelt zelf de wijze waarop de leden worden vergoed voor de kosten die ze in het kader van hun opdracht hebben gemaakt. Die vergoedingen zijn ten laste van het Grindfonds.

 

§ 4.

De Vlaamse Regering stelt een lijst vast van de gemeenten die aangewezen worden als grindgemeente. Het gaat om de gemeenten in de provincie Limburg die op hun grondgebied een grindwinning hebben als vermeld in artikel 2, 9°, ongeacht of die actief is op het ogenblik van de inwerkingtreding van dit decreet.