Art. 2.

Voor de toepassing van dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten wordt verstaan onder:

fonds : het fonds dat uitsluitend dient voor de regeling van de grindwinning, ook grindfonds genoemd;
IML : Intercommunale Maatschappij voor de ruimteiijke ontwikkeling in Limburg;
het departement: het Departement Omgeving;
POM : Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij Limburg, publiekrechtelijke instelling die opgericht is met toepassing van het decreet van 7 mei 2004, houdende vaststelling van het kader tot oprichting van de provinciale ontwikkelingsmaatschappijen (POM) en erkend door de Vlaamse Regering met toepassing van artikel 3 van het voormelde decreet;
grind: de fractie van het afbraakmateriaal van vast gesteende in diluviale gronden en op de bodem van rivieren die niet door een door de het departement aanvaarde zeef met een maaswijdte van 4 mm gaat. Fracties die de 4 mm overlappen worden eveneens als grind beschouwd;
breekzand :de fractie van gebroken grind die door een aanvaarde zeef met een maaswijdte van 4 mm gaat en waarvan het wasslib, enkel in het geval dat de fractie gewassen wordt, niet in rekening wordt gebracht;
berggrind : grind dat gewonnen wordt op het Plateau van de Kempen;
valleigrind :grind dat gewonnen wordt in de alluviale vlakte van de Maas, inclusief de terrassen tot aan de steilrand van het Plateau van de Kempen;
grindwinning: de ontgronding van natuurlijke grondstoffen waarvan het percentage grind op kalenderjaarbasis ten minste 20 % bedraagt;
10° grindwinning als nevenproduktie: elke grindwinning waarvan het percentage grind op kalenderjaarbasis minder dan 50 % en meer dan 20 % bedraagt;
11° nieuwe grindwinningsgebieden: gebieden die bij de goedkeuring van het decreet nog niet als ontginningsgebieden in de ruimste betekenis op de goedgekeurde gewestplannen zijn aangeduid en die in toepassing van artikel 17, § 2, als reservegebieden, effectieve grindwinningsgebieden en uitbreidingsgebieden worden aangeduid;
12° ecologische impactstudie :een rapport dat een beschrijving bevat van de ecologische uitgangssituatie van een gebied, een beschrijving van de ingreep; een analyse van de effecten op de deelaspecten van het milieu en een beoordeling van deze effecten met bijzondere aandacht voor de ecohydrologische aspecten;
13° structuurvisie : een plan dat de belangrijkste beleidsdoeleinden en beleidsmaatregelen aangeeft voor de verschillende ruimtebehoevende activiteiten en ruimtelijke relaties in een bepaald gebied. Het vormt de basis voor de contrete plannen van de ruimtelijke ordening. Het omvat een richtplan, een structuurkader en een actieplan.
14° afwerken : het uitvoeren van grondwerken met het oog op de realisatie van het nabestemmingsplan en het naleven van de voorwaarden met betrekking tot het reliëf, zoals bepaald in de milieu- en stedebouwkundige vergunning
15° uitrusten : het uitvoeren van de infrastructuur- en de inrichtingswerken na het afwerken, met inbegrip van alle maatregelen ter realisatie van de nabestemming
16° grindwinning bij infrastructuurwerken : de bedoelde of onbedoelde grindwinning die optreedt bij werken aan of het aanleggen van infrastructuur van openbaar nut die zelf niet de exploitatie van grind tot doel hebben;
17° projectgrindwinning : de grindwinning die gepaard gaat met de realisatie van een maatschappelijk project van groot openbaar belang dat op zichzelf niet gericht is op het winnen van grind;
18° project : een geheel van activiteiten houdende de uitvoering van werken, de totstandbrenging en in voorkomend geval de exploitatie van installaties, werkzaamheden of andere ingrepen in het milieu, dat maatschap- pelijk van groot openbaar belang is, dat op zichzelf niet gericht is op het winnen van grind maar waarvan de projectgrindwinning een substantieel onderdeel is en te realiseren is in een gemeente die voorkomt op de lijst, vastgesteld conform artikel 7, § 3;
19° projectcomité : het projectgrindwinningscomité zoals omschreven in artikel 20 sexies.