Afdeling 2.
Toezicht op de werking van het grindcomité en de subcomités


Art. 6.

De beslissingen van het grindcomité en de drie subcomités bedoeld in artikel 4 worden bij aangetekend schrijven ter goedkeuring voorgelegd aan de Vlaamse regering. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regelen en modaliteiten.

 

De beslissingen van de subcomités dienen vergezeld te zijn van het in artikel 9, 3°, vermelde advies van het grindcomité. De in het volgende lid vermelde termijn gaat bij de beslissingen van de subcomités in vanaf de kennisgeving van het advies van het grindcomité.

 

Wanneer de Vlaamse regering binnen veertig kalenderdagen, volgend op de ontvangst van de beslissing, aan het betrokken comité geen kennis heeft gegeven van haar beslissing, wordt de Vlaamse regering geacht haar goedkeuring te hebben verleend. Bij een met redenen omkleed aangetekend schrijven, gericht aan het grindcomité en, in voorkomend geval, het subcomité, kan de Vlaamse regering de voormelde termijn éénmalig verlengen met een periode van 40 kalenderdagen.


De Vlaamse regering kan de in de artikelen 9, 10, 11 en 12, bedoelde maatregelen nemen ter aanvulling van de maatregelen genomen door het betrokken comité of in de plaats van het betrokken comité, indien dit comité geen beslissing neemt ten aanzien van een haar door de Vlaamse regering voorgelegde aangelegenheid binnen een termijn van drie maanden.


Het grindcomité brengt jaarlijks verslag uit bij de Vlaamse regering betreffende zijn werkzaamheden en de werkzaamheden van de subcomités, alsook telkenmale de regering daarom verzoekt. Het jaarverslag wordt tevens meegedeeld aan het Vlaams Parlement, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen en de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen.


De in dit decreet bepaalde opdrachten van het grindcomité en de subcomités doen geen afbreuk aan de bevoegdheden van andere instellingen of personen van publiek recht.