Afdeling 4.9.2.
Energieaudits


Art. 4.9.2.1.

Deze afdeling is van toepassing op alle ingedeelde inrichtingen waar ofwel meer dan 250 personen werkzaam zijn, ofwel waarvan de jaaromzet 50 miljoen euro overschrijdt en het jaarlijkse balanstotaal 43 miljoen euro overschrijdt.

 

In afwijking van het eerste lid zijn alle ingedeelde inrichtingen, die vallen onder de toepassing van afdeling 4.9.1, vrijgesteld van deze afdeling.

 

In afwijking van het eerste lid zijn de energie-intensieve inrichtingen van ondernemingen die zijn toegetreden tot de energiebeleidsovereenkomsten voor de verankering van en voor blijvende energie-efficiėntie in de Vlaamse energie-intensieve industrie, niet VER-bedrijven en VER-bedrijven, afgesloten op grond van artikel 7.7.1 van het Energiedecreet van 8 mei 2009, en hun verplichtingen in kader van deze energiebeleidsovereenkomsten nakomen, vrijgesteld van deze afdeling.

 

In afwijking van het eerste lid zijn de ingedeelde inrichtingen die beschikken over een Europese energienorm EN 16001 of over een internationale norm voor energiemanagementsystemen ISO 50001, vrijgesteld van deze afdeling.

 

In afwijking van het eerste lid zijn de ingedeelde inrichtingen die beschikken over een geldig energieprestatiecertificaat publieke gebouwen zoals vermeld in artikel 9.2.12 tot en met 9.2.16 van het Energiebesluit van 19 november 2010, vrijgesteld van deze afdeling.


Art. 4.9.2.2.

§ 1.

Uiterlijk op 1 december 2015 beschikken de ingedeelde inrichtingen over een geldige energieaudit.

 

§ 2.

De energieaudit wordt uitgevoerd door de exploitant van de ingedeelde inrichting of een persoon, die daartoe door de exploitant gemachtigd is, die zich registreert in de webapplicatie als vermeld in afdeling 4.9.3.

 

§ 3.

De energieaudit heeft een geldigheidsduur van vier jaar.

 

§ 4.

Een energieaudit:

is gebaseerd op actuele, gemeten, traceerbare operationele gegevens betreffende het energieverbruik en op de belastingsprofielen voor elektriciteit;
omvat een gedetailleerd overzicht van het energieverbruikprofiel van gebouwen of groepen gebouwen, industriėle processen of installaties, met inbegrip van vervoer;
bouwt, zo veel mogelijk, voort op een analyse van de levenscycluskosten, in plaats van simpele terugverdienperioden, om rekening te houden met langetermijnbesparingen, residuele waarden van langetermijninvesteringen en discontopercentages;
is proportioneel en voldoende representatief om de vorming van een betrouwbaar beeld van de totale energieprestaties en de betrouwbare bepaling van de belangrijkste punten ter verbetering mogelijk te maken.