Afdeling 4.
Subsidies


Art. 16sedecies.

§ 1.

Om de ontwikkeling en uitvoering van het natuurbeheer te bevorderen, kan de Vlaamse Regering, binnen de perken van de begrotingskredieten, een subsidie verlenen voor:

de opmaak van een natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 16bis, voor terreinen van type twee, drie of vier;
de uitvoering van de beheer- en inrichtingsmaatregelen voor de realisatie van een natuurstreefbeeld en de opvolging van de beheerdoelstellingen, vermeld in artikel 16bis;
de aankoop van of het verwerven van een zakelijk of persoonlijk recht op gronden, met als doel ze te laten erkennen als natuurreservaat;
de openstelling van een terrein met een goedgekeurd natuurbeheerplan en de aanleg van de infrastructuurwerken om deze openstelling mogelijk te maken, alsook het onthaal van de bezoekers in een erkend natuurreservaat.


De Vlaamse Regering bepaalt telkens voor een periode van drie jaar nadere regels met betrekking tot het aandeel van het verleende budget voor de aankoop en subsidie voor aankoop van gronden vermeld in het eerste lid, 3°, in functie van de realisatie van de instandhoudingsdoelstellingen. Aankopen die niet gericht zijn op instandhoudingsdoelstellingen, door de Vlaamse overheid of met subsidie van de Vlaamse overheid, zijn niet gericht op percelen in beroepslandbouwgebruik. De regels worden geėvalueerd voor het verstrijken van een periode van drie jaar.

 

§ 2.

De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden om voor de subsidies, vermeld in paragraaf 1, in aanmerking te komen. Daarbij houdt de Vlaamse Regering onder meer rekening met de volgende criteria:

de goedkeuring van het natuurbeheerplan. Voorafgaand aan de goedkeuring van een natuurbeheerplan kan de subsidie, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, toegekend worden, en er kan een voorschot uitbetaald worden. De volledige uitbetaling van de subsidie is pas mogelijk na de goedkeuring van een natuurbeheerplan;
in eerste instantie de mate waarin de beoogde natuurstreefbeelden worden bereikt en vervolgens de mate waarin de beheer- en inrichtingsmaatregelen worden uitgevoerd;
de mate waarin de beoogde openstelling van het terrein wordt bereikt en de mate waarin het onthaal van de bezoekers in erkende natuurreservaten wordt gerealiseerd.

 

Met behoud van de toepassing van de mogelijkheid tot terugvordering van subsidies, vermeld in artikel 16decies, § 1 en § 2, en artikel 16quaterdecies, § 3, voorziet de Vlaamse Regering nog in andere mogelijkheden om subsidies geheel of gedeeltelijk terug te vorderen, namelijk in de volgende gevallen:

als blijkt dat een begunstigde van subsidies, verleend op basis van dit artikel, andere subsidies voor dezelfde activiteit heeft verkregen, waardoor de totale subsidies 100% van de totale aangetoonde kostprijs van de gesubsidieerde activiteit overschrijden;
als blijkt dat een begunstigde van subsidies, verleend op basis van dit artikel, niet langer voldoet aan de vereisten om in aanmerking te komen voor die subsidies.


De Vlaamse Regering bepaalt ook:

de wijze van berekening van de subsidie;
de procedures voor de aanvraag, de beoordeling, de toekenning en de uitbetaling van de subsidie en de evaluatie van de bereikte resultaten;
de procedure voor de terugvordering van de subsidies.

 

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen inzake de cumulatie van de subsidies toegekend op basis van deze bepaling met subsidies die zijn toegekend op basis van alle andere regelgeving.


Art. 16septiesdecies.

De volgende vrijstellingen worden geacht als subsidie te zijn verleend:

de vrijstelling van de erfbelasting, vermeld in artikel 2.7.6.0.5 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
de vrijstelling van de schenkbelasting, vermeld in artikel 2.8.6.0.8 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
de vrijstelling van het verkooprecht, vermeld in artikel 2.9.6.0.7 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013.


De subsidie wordt geacht te zijn verleend gedurende 24 jaar, a rato van 1/24 per jaar, te rekenen vanaf:

voor de vrijstelling van de erfbelasting als vermeld in het eerste lid, 1°: de datum van overlijden van de erflater;
voor de vrijstelling van de schenkbelasting als vermeld in het eerste lid, 2°: de datum van de schenkingsakte die, zonder toepassing van de vrijstelling, vermeld in artikel 2.8.6.0.8 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, aan de schenkbelasting onderworpen zou zijn;
voor de vrijstelling van het verkooprecht als vermeld in het eerste lid, 3°: de datum van de authentieke akte van verkrijging die, zonder toepassing van de vrijstelling, vermeld in artikel 2.9.6.0.7 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, aan het verkooprecht onderworpen zou zijn.


Bij een rechtshandeling als vermeld in het tweede lid, 2° of 3°, die onderworpen is aan een opschortende voorwaarde, wordt voor de toepassing van dit artikel de datum van de vervulling van de voorwaarde in de plaats gesteld van de datum van de akte.


In het geval dat een goedgekeurd natuurbeheerplan bestaat, worden de subsidies, vermeld in het eerste lid, toegekend onder de volgende voorwaarden:

voor een periode van 24 jaar, te rekenen vanaf de data, vermeld in het tweede lid, moet voor het terrein een goedgekeurd natuurbeheerplan bestaan;
het effectief gevoerde beheer stemt overeen met het goedgekeurde natuurbeheerplan;
het beheer wordt niet overgenomen conform artikel 16decies.

 

In het geval dat de intentie bestaat om een natuurbeheerplan te laten goedkeuren, worden de subsidies, vermeld in het eerste lid, toegekend onder de volgende voorwaarden:

binnen twee jaar wordt het eerste verkennende deel van de procedure tot goedkeuring van een natuurbeheerplan als vermeld in artikel 16octies, § 1, eerste lid, 1°, goedgekeurd, te rekenen vanaf de data, vermeld in het tweede lid;
binnen vier jaar na de data, vermeld in het tweede lid, wordt een natuurbeheerplan goedgekeurd;
voor de nog resterende looptijd van de periode van 24 jaar, vermeld in het tweede lid, op de datum van goedkeuring van het natuurbeheerplan:
  a) blijft een goedgekeurd natuurbeheerplan bestaan;
  b) stemt het effectief gevoerde beheer overeen met het goedgekeurde natuurbeheerplan;
  c) wordt het beheer niet overgenomen conform artikel 16decies.

 


Art. 16duodevicies.

§ 1.

Als de voorwaarden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, niet worden nageleefd, wordt de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 1°, teruggevorderd van de eigenaar of vruchtgebruiker van het onroerend goed.

 

§ 2.

In geval van overdracht ten bezwarende titel of om niet van de goederen waarvoor de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 1°, is verkregen, is de overdrager ertoe gehouden om in de akte van overdracht van de eigendom of het vruchtgebruik van het onroerend goed de verkrijger in te lichten over het bestaan van de subsidie, waarvoor de voorwaarden gelden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, op het ogenblik van het verlijden van de akte van overdracht, met verwijzing naar dat artikel.

 

Iedere verkrijger is op zijn beurt ertoe gehouden een verdere verkrijger op dezelfde wijze in te lichten. De rechtsvoorganger van de eigenaar of vruchtgebruiker is ertoe gehouden de eigenaar of vruchtgebruiker schadeloos te stellen voor de terugbetaling van het openstaande saldo van de met toepassing van artikel 16septiesdecies, eerste lid, 1°, verkregen subsidie als hij nagelaten heeft zijn rechtsopvolger in te lichten over het bestaan van de subsidie conform de bepalingen van dat artikel. Een tot schadeloosstelling gehouden persoon heeft op zijn beurt verhaal op zijn rechtsvoorganger als die nagelaten heeft hem op de hoogte te brengen van het bestaan van de subsidie.


Art. 16undevicies.

§ 1.

Als de voorwaarden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, niet worden nageleefd, wordt de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 2°, teruggevorderd van de eigenaar van het onroerend goed of bij de vruchtgebruiker.

 

§ 2.

In geval van overdracht ten bezwarende titel of om niet van de goederen waarvoor de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 2°, is verkregen, is de overdrager ertoe gehouden om in de akte van overdracht van de eigendom of het vruchtgebruik van het onroerend goed de verkrijger in te lichten over het bestaan van de subsidie, waarvoor de voorwaarden gelden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, op het ogenblik van het verlijden van de akte van overdracht, met verwijzing naar dat artikel.

 

Iedere verkrijger is op zijn beurt ertoe gehouden een verdere verkrijger op dezelfde wijze in te lichten. De rechtsvoorganger van de eigenaar of vruchtgebruiker is ertoe gehouden de eigenaar of vruchtgebruiker schadeloos te stellen voor de terugbetaling van het openstaande saldo van de met toepassing van artikel 16septiesdecies, eerste lid, 2°, verkregen subsidie als hij nagelaten heeft zijn rechtsopvolger in te lichten over het bestaan van de subsidie conform de bepalingen van dat artikel. Een tot schadeloosstelling gehouden persoon heeft op zijn beurt verhaal op zijn rechtsvoorganger als die nagelaten heeft hem op de hoogte te brengen van het bestaan van de subsidie.


Art. 16vicies.

§ 1.

Als de voorwaarden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, niet worden nageleefd, wordt de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 3°, teruggevorderd bij de eigenaar of vruchtgebruiker van het onroerend goed.

 

§ 2.

In geval van overdracht ten bezwarende titel of om niet van de goederen waarvoor de subsidie, vermeld in artikel 16septiesdecies, eerste lid, 3°, is verkregen, is de overdrager ertoe gehouden om in de akte van overdracht van de eigendom of het vruchtgebruik van het onroerend goed de verkrijger in te lichten over het bestaan van de subsidie, waarvoor de voorwaarden gelden, vermeld in artikel 16septiesdecies, derde lid of vierde lid, op het ogenblik van het verlijden van de akte van overdracht, met verwijzing naar dat artikel.

 

Iedere verkrijger is op zijn beurt ertoe gehouden een verdere verkrijger op dezelfde wijze in te lichten. De rechtsvoorganger van de eigenaar of vruchtgebruiker is ertoe gehouden de eigenaar of vruchtgebruiker schadeloos te stellen voor de terugbetaling van het openstaande saldo van de met toepassing van artikel 16septiesdecies, eerste lid, 3°, verkregen subsidie als hij nagelaten heeft zijn rechtsopvolger in te lichten over het bestaan van de subsidie conform de bepalingen van dat artikel. Een tot schadeloosstelling gehouden persoon heeft op zijn beurt verhaal op zijn rechtsvoorganger als die nagelaten heeft hem op de hoogte te brengen van het bestaan van de subsidie.