Art. 88.

In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 5 juli 2013, wordt aan afdeling 3, ingevoegd bij artikel 86, een artikel 6.4.8 toegevoegd, dat luidt als volgt :


“Art. 6.4.8. 1. Tegen de beslissing tot toepassing van bestuursdwang kan de vermoedelijke overtreder beroep instellen bij de Vlaamse Regering of haar gemachtigde. Bij de beoordeling van de herstelmaatregelen is artikel 6.4.7, 2, van overeenkomstige toepassing, met inbegrip van de mogelijkheid tot vermindering van de meerwaarde, op verzoek en ambtshalve. Het beroep heeft schorsende werking.


Het beroep is alleen ontvankelijk als het wordt ingesteld bij een met redenen omklede brief binnen een termijn van dertig dagen, die de dag na de betekening van het besluit aanvangt. Als de verzoeker gehoord wil worden, maakt hij daarvan melding in zijn beroepschrift. Het beroepschrift wordt met een beveiligde zending betekend.


2. Binnen een termijn van negentig dagen na de betekening van het beroepschrift wordt er over het beroep uitspraak gedaan, in voorkomend geval, na schriftelijk advies over de herstelmaatregel van de Hoge Raad voor de Handhavingsuitvoering als vermeld in artikel 6.3.12/1. De termijn van negentig dagen is geschorst vanaf de adviesaanvraag tot de dag dat het advies wordt verleend of tot de termijn voor het verlenen van advies is verstreken.


De termijn van negentig dagen kan op voorwaarde van kennisgeving binnen die termijn aan de vermoedelijke overtreder en de stedenbouwkundige inspecteur of de burgemeester die de beslissing heeft genomen, eenmalig worden verlengd met negentig dagen. Bij gebrek aan een tijdige beslissing over het beroep vervalt de bestuurlijke maatregel. De vermoedelijke overtreder en de stedenbouwkundige inspecteur of de burgemeester die de beslissing heeft genomen, wordt van het verval schriftelijk op de hoogte gebracht. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de kennisgeving van de beslissing over het beroep en de uitvoering van dit artikel.


3. De dag na de betekening van de beslissing tot verwerping van het beroep begint de door de stedenbouwkundige inspecteur of de burgemeester bepaalde termijn opnieuw te lopen, verminderd met het aantal dagen die al verstreken waren op het ogenblik van het instellen van het beroep.”.