Art. 33.
Als het projectbesluit een herkenbaar onderdeel bevat dat conform artikel 23 geldt als ruimtelijk uitvoeringsplan, en het instrument van de herverkaveling uit kracht van wet met planologische ruil als vermeld in deel 2 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting wordt toegepast, dan bepaalt de overheid die bevoegd is voor het vaststellen van het projectbesluit het gebied dat in aanmerking komt voor een herverkaveling uit kracht van wet met planologische ruil. Zij doet dit binnen het plangebied van het herkenbaar onderdeel dat geldt als ruimtelijk uitvoeringsplan.
Het voor de herverkaveling uit kracht van wet met planologische ruil op te maken grondruilplan wordt tegelijk met het projectbesluit onderworpen aan de procedureregels die bepaald zijn voor de vaststelling van het projectbesluit.
Vóór de aanvang van het openbaar onderzoek over het ontwerp van projectbesluit en grondruilplan worden de eigenaars, vruchtgebruikers of gebruikers van onroerende goederen die deel uitmaken van het geheel van onroerende goederen in de herverkaveling, op de hoogte gebracht van zijn toestand, zoals opgenomen in het grondruilplan, en van de mogelijkheid om adviezen, opmerkingen of bezwaar in te dienen tijdens het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 2.1.65, § 6, van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting.