Art. 2.1.19.
Bij het opmaken van pachtovereenkomsten voor kavels die ten gevolge van de vrijwillige herverkaveling op een andere verpachter of pachter overgaan, kunnen de partijen afwijken van het bepaalde in de wetgeving met betrekking tot de duur van pachtovereenkomsten. Deze bepaling is ook van toepassing op de erfpacht, alsook op het opstal-, het gebruiks- en het bewoningsrecht.