Art. 2.1.40.
Behalve als alle rechthebbenden door middel van een overeenkomst met de landcommissie vrijwillig afzien van een raadpleging van rechthebbenden worden de lijsten en plannen, vermeld in artikel 2.1.24, 2.1.25 en 2.1.27, gedurende dertig dagen ter inzage neergelegd in elke betrokken gemeente.
De raadpleging voor rechthebbenden wordt in elke betrokken gemeente bekendgemaakt door aanplakking.
De landcommissie brengt elke rechthebbende voorafgaand aan de terinzagelegging per beveiligde zending op de hoogte van de mogelijkheid tot inzage en van de mogelijkheid tot het indienen van schriftelijke opmerkingen en bezwaren bij de landcommissie.
De landcommissie kan ook beslissen de terinzagelegging van de documenten, vermeld in artikel 2.1.24, 2.1.25 en 2.1.27, afzonderlijk te laten verlopen gedurende telkens dertig dagen.