Art. 49.

Van een omgevingsvergunning mag worden gebruikgemaakt als de aanvrager niet binnen vijfendertig dagen, te rekenen vanaf de dag na de eerste dag van de aanplakking, op de hoogte is gebracht van de instelling van een schorsend administratief beroep als vermeld in artikel 52.


De aanvrager mag onmiddellijk gebruikmaken van de omgevingsvergunning:

1 in de gevallen, vermeld in artikel 55, tweede lid;
2 als de Vlaamse Regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de omgevingsvergunning verleend heeft.