Onderafdeling 1.
Voorwaarden


Art. 71.

Met behoud van de toepassing van de voorwaarde van rechtswege in de zin van artikel 90bis van het Bosdecreet van 13 juni 1990 kan de bevoegde overheid voorwaarden verbinden aan de uitvoering van een stedenbouwkundige handeling of de verkaveling van gronden.


Art. 72. Met behoud van de toepassing van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, verplichtingen en de toepassingsregels ervan, bepaald bij of krachtens het DABM, kan de bevoegde overheid de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit afhankelijk stellen van de naleving van bijzondere milieuvoorwaarden.

Art. 73.

§ 1.

De bijzondere milieuvoorwaarden, vermeld in artikel 72, bevatten de bijkomende maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de mens en het milieu tegen onaanvaardbare risico’s en hinder afkomstig van de exploitatie.

 

De bijzondere milieuvoorwaarden kunnen onder meer bestaan uit een verplichting:

om een studie uit te voeren of te voorzien in een monitoring met als doel de toepassing van de bijzondere milieuvoorwaarden te controleren;
om lastens de exploitant een saneringscontract als vermeld in artikel 32septies, § 4 en § 5, van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging af te sluiten. Het afsluiten van dat saneringscontract kan verwezenlijkt worden door toedoen van de exploitant, met name door zelf de procedure op te starten. De Vlaamse Regering stelt daarvoor de nadere regels vast.

 

§ 2.

Als beste beschikbare technieken bestaan, vormen ze de referentie voor de vaststelling van de bijzondere milieuvoorwaarden.


In afwijking van het eerste lid, kan de bevoegde overheid volgens de criteria die door de Vlaamse Regering worden bepaald, strengere bijzondere milieuvoorwaarden vaststellen dan die welke haalbaar zijn door gebruik te maken van de beste beschikbare technieken. De Vlaamse Regering bepaalt de wijze waarop de beste beschikbare technieken vastgesteld worden.


Art. 73/1. De bevoegde overheid kan voorwaarden verbinden aan de uitvoering van kleinhandelsactiviteiten.

Art. 73/2. De bevoegde overheid kan voorwaarden verbinden aan de uitvoering van het wijzigen van de  vegetatie ervan.

Art. 74.

Alle voorwaarden zijn voldoende precies en redelijk in verhouding tot het vergunde project.


Ze kunnen worden verwezenlijkt door toedoen van de aanvrager, bouwheer, gebruiker of exploitant.