Afdeling 4.
Wijzigingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten


Art. 123.

In artikel 11 van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten, het laatst gewijzigd bij het decreet van 27 maart 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

1 in paragraaf 4 worden de woorden “stedenbouwkundige vergunning” telkens vervangen door de woorden “omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen”;
2 in paragraaf 4, derde lid, wordt de zinsnede “de stedenbouwkundige melding, vermeld in artikelen 94 en 96, 1, eerste lid, van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening” telkens vervangen door de zinsnede “de melding voor stedenbouwkundige handelingen, vermeld in artikel 4.2.2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening”;
3 in paragraaf 4/1, 4/2 en 4/3 worden de woorden “stedenbouwkundige vergunning” vervangen door de woorden “omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen”;
4 in paragraaf 4/2, derde lid, wordt de zinsnede “door het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening” vervangen door de zinsnede “door het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning”.

Art. 124.

In artikel 12/2, 1, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 27 maart 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

1 in het eerste lid worden de woorden “stedenbouwkundige vergunning voor het slopen” vervangen door de woorden “omgevingsvergunning voor het slopen”;
2 in het tweede lid wordt de zinsnede “artikelen 119 en 120 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening” vervangen door de zinsnede “artikel 4.3.3 en 4.3.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening” en worden de woorden “stedenbouwkundige vergunningsprocedure” vervangen door het woord “omgevingsvergunningsprocedure”.