Art. 10.

De mestopslag kan op de volgende wijze gerealiseerd worden :

  1. door overeenkomsten met landbouwers, die over voldoende mestopslagcapaciteit beschikken;
  2. door het plaatsen van inrichtingen, waarin dierlijke mest of spuistroom, kan opgeslagen worden, individueel of op basis van een samenwerkingsovereenkomst;
  3. door overeenkomsten met mestverwerkingseenheden, waarbij gewaarborgd wordt dat de hoeveelheid dierlijke mest of spuistroom, die zou moeten opgeslagen worden verwerkt wordt;
  4. door zelf de mest of spuistroom te verwerken en daarvan het bewijs te leveren.

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen.