Art. 17.

1

De fosfaatbemestingsnorm voor landbouwgronden gelegen in fosfaatverzadigde gebieden bedraagt 40 kg P2O5 per hectare en per jaar.

2

De Vlaamse Regering bakent de fosfaatverzadigde gebieden af op basis van een inventarisatie van de bemonstering van percelen waarvoor met een probabiliteit van 95 % de kritische grenswaarde voor fosfaatdoorslag van 35 % profielgemiddelde fosfaatverzadigingsgraad overschreden is.

3

Voor een perceel gelegen in een fosfaatverzadigd gebied waarvan op grond van een analyse zou blijken dat het niet fosfaatverzadigd is, gelden de bepalingen van paragraaf 1 niet. In dit geval vallen de kosten van de analyse ten laste van de Mestbank.

4

Als voor een perceel gelegen in een fosfaatverzadigd gebied, een bodemanalyse is uitgevoerd, voor de bepaling van de hoeveelheid plantbeschikbare fosfaat in de bodem, op basis waarvan het betreffend perceel als klasse III of lager is ingedeeld, overeenkomstig artikel 13, 3, wordt het perceel als niet fosfaatverzadigd beschouwd en gelden de bepalingen van paragraaf 1 niet.

5

De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast en bepaalt de wijze waarop de resultaten van de analyse als vermeld in paragraaf 3, aan de Mestbank overgemaakt moeten worden.