Onderafdeling IV.
Het op of in de bodem brengen van meststoffen op steile hellingen


Art. 19.

Op steile hellingen moeten meststoffen op de volgende wijze op of in de bodem gebracht worden:

op beteelde steile hellingen is voor het op of in de bodem brengen van vloeibare dierlijke mest of vloeibare andere meststoffen, zode-injectie of mestinjectie verplicht;
op niet-beteelde steile hellingen is voor het op of in de bodem brengen van dierlijke mest, andere meststoffen en kunstmest, mestinjectie of directe onderwerking in één werkgang verplicht. In afwijking hiervan moeten vaste dierlijke mest, vaste andere meststoffen en kunstmest in vaste vorm binnen het uur na de aanwending ondergewerkt worden.


Het op of in de bodem brengen van meststoffen, met uitzondering van rechtstreekse uitscheiding door begrazing, is verboden op percelen landbouwgrond met een hellingsgraad hoger dan of gelijk aan 15 %.

 

De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen.