Hoofdstuk V.
De mestverwerking


Art. 29.

§ 1

Er wordt een mestverwerkingsplicht opgelegd, die berekend wordt in functie van de gemeentelijke productiedruk van dierlijke mest, uitgedrukt in kg N per hectare, van de gemeente of gemeenten waar het bedrijf, geheel of gedeeltelijk, gelegen is.


De Vlaamse Regering stelt de gemeentelijke productiedruk vast op basis van de netto productie van stikstof uit dierlijke mest en de afzetmogelijkheden van dierlijke mest.

 

§ 2

Het bedrijf verwerkt een percentage van het netto stikstofoverschot, berekend overeenkomstig artikel 28, § 1, 2°, of § 2. Bij de berekening van het netto stikstofoverschot wordt geen rekening gehouden met de bijkomende productie, die ingevolge artikel 35, eerste lid, 2°, volledig moet verwerkt worden.


Het te verwerken percentage in een bepaald jaar bedraagt 0,60 % per volle schijf van 1000 kg netto stikstofoverschot van het bedrijf van dat jaar, vermeerderd met volgende percentages:

in gemeenten met een gemeentelijke productiedruk kleiner of gelijk aan 170 kg N per hectare: 10 %;
in gemeenten met een gemeentelijke productiedruk groter dan 170 kg stikstof per hectare en lager of gelijk aan 340 kg stikstof per hectare: 20 %;
in gemeenten met een gemeentelijke productiedruk groter dan 340 kg stikstof per hectare: 30 %.


Het te verwerken percentage in een bepaald jaar is maximaal gelijk aan 60 % van het netto stikstofoverschot van het bedrijf van dat jaar.


Indien de te verwerken hoeveelheid per bedrijf minder dan 5000 kg netto stikstof bedraagt is het bedrijf van deze verplichting ontheven.


Voor bedrijven die in meer dan één gemeente zijn gelokaliseerd, geldt een globale verwerkingsplicht die bepaald wordt op basis van het gewogen gemiddelde van de verwerkingsplicht overeenkomstig de dierlijke mestproductie in elke gemeente en de in die gemeente geldende mestverwerkingsplicht.


De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen.

 

§ 3

Voor de verwerking van stikstof wordt een systeem van mestverwerkingscertificaten vastgesteld.


De Mestbank reikt mestverwerkingscertificaten uit aan verwerkingseenheden voor de hoeveelheid stikstof uit dierlijke mest die ze hebben verwerkt.


De Mestbank reikt eveneens mestverwerkingscertificaten uit aan bedrijven die hun productie van dierlijke mest, geheel of gedeeltelijk, exporteren, en aan mestverzamelpunten, die dierlijke mest die in hun mestverzamelpunt opgeslagen is, exporteren. Er worden geen mestverwerkingscertificaten uitgereikt voor het exporteren van meststoffen vanuit een bepaald bedrijf naar landbouwgronden die behoren tot datzelfde bedrijf en die meegerekend worden voor het berekenen van het bedrijfsmatig mestoverschot, vermeld in artikel 28.


De mestverwerkingscertificaten als vermeld in het tweede en derde lid worden enkel toegekend voor de verwerking of de export van dierlijke mest, die geproduceerd werd op een in het Vlaamse Gewest gelegen exploitatie.


De door de Mestbank uitgereikte mestverwerkingscertificaten als vermeld in het tweede en derde lid, zijn overdraagbaar. Deze overdrachten van mestverwerkingscertificaten worden geregistreerd bij de Mestbank.


De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast.

 

§ 4

Om in een bepaald productiejaar aan de mestverwerkingsplicht, vermeld in paragraaf 2, te voldoen, moet het bedrijf mestverwerkingscertificaten verkrijgen. Deze mestverwerkingscertificaten dienen afgeleverd te zijn voor mest die in dat productiejaar verwerkt werd. De mestverwerkingscertificaten mogen voor maximaal 5 000 kg netto stikstof afkomstig zijn van pluimveemest die werd geproduceerd door een ander bedrijf.

De Vlaamse Regering kan, in afwijking van het eerste lid, vaststellen dat in bepaalde gevallen mestverwerkingscertificaten gebruikt mogen worden die afgeleverd zijn voor mest die na dat productiejaar, verwerkt werd.

 

De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast.