Art. 1.5.1.2.

1.

Als een kennisgeving of een toelatingsaanvraag is ingediend, geeft de technisch deskundige een advies aan de bevoegde instantie binnen de termijnen, vermeld in afdeling 1.5.2.

Hij onderzoekt of het dossier voldoet aan de eisen, vermeld in dit besluit, of de verstrekte gegevens juist en volledig zijn, of de risicoanalyse en het risiconiveau correct zijn en, zo nodig, of de inperkings- en andere beschermingsmaatregelen en het afvalbeheer adequaat zijn.

2.

Als dat nodig is, kan de technisch deskundige overgaan tot raadplegingen of de gebruiker verzoeken nadere informatie te verstrekken. In dat geval worden de termijnen waarin het advies moet worden verstrekt, verlengd met de termijn waarin wordt gewacht op de nadere informatie. De termijn waarin de bevoegde instantie eventueel een beslissing moet nemen, schuift overeenkomstig op.

3.

Het advies bevat, afhankelijk van het risiconiveau, al de volgende gegevens of sommige ervan:

1 een beoordeling van de juistheid van het voorgestelde risiconiveau;
2 een beoordeling van de voorgestelde inperkings- en controlemaatregelen, inclusief het afvalbeheer;
3 eventueel een gemotiveerd voorstel tot aanpassing van de voorgestelde inperkings- en controlemaatregelen;
4 een beoordeling van de toelaatbaarheid van de activiteit vanuit het oogpunt van de risico’s voor de menselijke gezondheid en voor het leefmilieu;
5 in voorkomend geval, een gemotiveerd voorstel voor de toelatingstermijn.

4.

Bij gebrek aan advies binnen de gestelde termijn kan de procedure worden voortgezet.