Art. 20.

§ 1

De exclusieve bestuurlijke geldboete wordt opgelegd door de ambtenaar, vermeld in artikel 19, eerste lid, conform de procedure zoals bepaald in artikel 16.4.41, § 1, en 16.4.43, van het decreet houdende algemene bepalingen milieubeleid van 5 april 1995.
Het verslag van vaststelling betreft het verslag dat is vermeld in artikel 15, § 2.

§ 2

Tegen de beslissing waarbij de ambtenaar, vermeld in artikel 19, eerste lid, een exclusieve bestuurlijke geldboete oplegt, kan degene aan wie de boete werd opgelegd, beroep indienen bij het Handhavingscollege, vermeld in artikel 16.4.19 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, volgens de procedure voorgeschreven in hoofdstuk 3, afdelingen 1 en 2, en hoofdstuk 4, afdelingen 1 en 2, van het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges. Het beroep wordt ingesteld binnen een termijn van dertig dagen te rekenen vanaf de datum waarop de beslissing van de ambtenaar, vermeld in artikel 19, eerste lid, aan de overtreder ter kennis wordt gebracht. Het beroep schorst de bestreden beslissing.

§ 3

Wanneer een exclusieve bestuurlijke geldboete wordt opgelegd, wordt de opsteller van het verslag van vaststelling daarvan in kennis gesteld.

§ 4

Op vraag van de overtreder, kan de exclusieve bestuurlijke geldboete worden opgelegd met uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een proefperiode die niet minder dan een jaar en niet meer dan drie jaar mag bedragen.
Het uitstel wordt van rechtswege herroepen als gedurende de proeftijd een nieuwe inbreuk omschreven in dit hoofdstuk wordt gepleegd, met het opleggen van een exclusieve bestuurlijke geldboete tot gevolg.

§ 5

De bevoegdheid tot het opleggen van een exclusieve bestuurlijke geldboete alsook de voordeelontneming verjaart na verloop van drie jaar, te rekenen vanaf de dag waarop de inbreuk werd beëindigd.
Exclusieve bestuurlijke geldboeten kunnen alleen worden opgelegd voor feiten die in strijd zijn met wettelijke voorschriften die voorafgaandelijk aan die feiten zijn bepaald en in werking zijn getreden.