Art. 53.
Alle nog geldende vergunningen voor handelsvestigingen verleend met toepassing van de wet van 29†juni 1975 betreffende de handelsvestigingen en de wet van 13†augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen worden vanaf de dag van inwerkingtreding van artikel†11 beschouwd als omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten overeenkomstig dit decreet en het decreet van 25†april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Als deze vergunningen voor handelsvestigingen meer gedetailleerde categorieŽn van kleinhandelsactiviteiten bevatten dan deze voorzien in artikel†3, dan worden deze vanaf de dag van inwerkingtreding van artikel†11 van rechtswege terug herleid naar de in artikel†3 opgesomde categorieŽn van kleinhandelsactiviteiten.
De vergunningen, vermeld in het eerste lid, vervallen als de kleinhandelsactiviteiten niet binnen vijf jaar na het verlenen ervan aanvangen of meer dan vijf opeenvolgende jaren worden onderbroken vanaf de de dag van inwerkingtreding van artikel†11.
Deze termijnen van vijf jaar worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de vergunning aanhangig is bij de Raad van State en zolang een beroep tot vernietiging van eventuele andere vergunningen, machtigingen of toelatingen, benodigd voor het project, aanhangig is bij de Raad van State of de Raad voor Vergunningsbetwistingen.