Art. 4.1.5/1.

[§ 1 ]

De raad van bestuur van de werkmaatschappij telt maximaal twintig leden, waarbij elke deelnemende distributienetbeheerder ten minste één vertegenwoordiger heeft.
Het mandaat van lid van de raad van bestuur, vermeld in het eerste lid, is onverenigbaar met:
het lidmaatschap van de wetgevende kamers, het Europees Parlement, de gemeenschaps- en gewestparlementen, de Vergadering van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van Brussel-Hoofdstad, de Vlaamse Gemeenschapscommissie of de Franse Gemeenschapscommissie;
de functie of het ambt van minister, staatssecretaris, of het lidmaatschap van een gewest- of gemeenschapsregering.
Om een meer evenwichtige participatie van mannen en vrouwen te bevorderen mag ten hoogste twee derde van de leden van de raad van bestuur, vermeld in het eerste lid, van hetzelfde geslacht zijn.
Telkens als er door een voordrachtprocedure één of meer mandaten vacant zijn in de raad van bestuur, vermeld in het eerste lid, en de voorgedragen kandidaturen het niet mogelijk maken om te voldoen aan de verplichting, vermeld in het derde lid, wordt de voordrachtprocedure hernomen.

[§ 2

De werkmaatschappij en de personeelsleden van de werkmaatschappij die zijn aangesteld als functionaris voor gegevensbescherming ontvangen bij de uitvoering van de aan hen en aan de werkmaatschappij in het kader van de algemene verordening gegevensbescherming opgelegde verplichtingen geen directe instructies van de raad van bestuur van de werkmaatschappij, de netbeheerder, de Vlaamse overheid of van de publieke of particuliere rechtspersonen, vermeld in artikel 4.1.22/7 tot en met 4.1.22/12.
]