Titel XIV/1.
Experimentregelgeving en regelluwe zones voor energie


Art. 14/1.1.1.

§ 1

De Vlaamse Regering kan regelluwe zones vaststellen waarbinnen in afwijking van de door of krachtens titel IV, IV/1, VII, IX, XI, vastgestelde bepalingen binnen een bepaald kader en binnen een beperkt geografisch afgebakend gebied tijdelijk kan worden geëxperimenteerd met een andere toepassing dan de door of krachtens die bepalingen vastgelegde regels. Indien het een afwijking betreft van de door of krachtens titel IV vastgestelde bepalingen, dan wint de Vlaamse Regering hierbij het advies in van de VREG.
De Vlaamse Regering kan categorieën van regelluwe zones bepalen. De Vlaamse Regering stelt de voorwaarden vast waaronder dan binnen een dergelijke regelluwe zone voor een bepaald doel wordt opgetreden en bepaalt van welke bepalingen mag worden afgeweken. De Vlaamse Regering kan voor de toepassing in die zones echter geen bepalingen aannemen of afwijkingen toestaan die strijdig zijn met artikel 4.1.7 tot en met artikel 4.1.8/1, of met de verplichtingen van Europese richtlijnen, verordeningen en besluiten.

§ 2

De Vlaamse Regering legt de voorwaarden vast waaraan een project moet voldoen om in aanmerking te komen voor de erkenning als regelluwe zone. De Vlaamse Regering legt de procedure en de voorwaarden voor de aanvraag en voor de erkenning als regelluwe zone vast.
De Vlaamse Regering legt de voorwaarden voor de schorsing of intrekking van de erkenning als regelluwe zone vast.

§ 3

Voor zover er door dit decreet niet van wordt afgeweken zijn de bepalingen van artikel III.119 tot en met III.122 van het Bestuursdecreet van overeenkomstige toepassing.

Art. 14/1.1.2.
De houder van de erkenning als regelluwe zone rapporteert op regelmatige basis aan de Vlaamse overheid over de voortgang en de resultaten van zijn project. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de vorm, de inhoud en de regelmaat van die rapportering, en kan bepalen bij wie die rapportering wordt ingediend.