Hoofdstuk IV.
De geografische indeling van watersystemen


Afdeling I.
De stroomgebieden en de stroomgebiedsdistricten


Art. 1.4.1.1.

In het Vlaamse Gewest liggen vier stroomgebieden: het stroomgebied van de Schelde, van de Maas, van de IJzer en van de Brugse Polders.

De Vlaamse Regering duidt op nauwkeurige wijze op kaart de grenzen van de stroomgebieden aan.


Art. 1.4.1.2.

§1. Het in het Vlaamse Gewest gelegen gedeelte van het stroomgebied van de Schelde maakt deel uit van het internationaal stroomgebiedsdistrict van de Schelde. Met instemming van de partijen bij het Scheldeverdrag wordt de Internationale Scheldecommissie aangewezen als bevoegd orgaan voor de coördinatie van het waterbeleid binnen dit internationaal stroomgebiedsdistrict, in het bijzonder voor de multilaterale afstemming van de stroomgebiedbeheerplannen.

Bij gebrek aan instemming tussen de partijen bij het Scheldeverdrag voorziet de Vlaamse Regering in een passende internationale coördinatie.

§2. Het in het Vlaamse Gewest gelegen gedeelte van het stroomgebied van de Maas maakt deel uit van het internationaal stroomgebiedsdistrict van de Maas. Met instemming van de partijen bij het Maasverdrag wordt de Internationale Maascommissie aangewezen als bevoegd orgaan voor de coördinatie van het waterbeleid binnen dit internationaal stroomgebiedsdistrict, in het bijzonder voor de multilaterale afstemming van de stroomgebiedbeheerplannen.

Bij gebrek aan instemming tussen de partijen bij het Maasverdrag voorziet de Vlaamse Regering in een passende internationale coördinatie.

§3. Het in het Vlaamse Gewest gelegen gedeelte van het stroomgebied van de IJzer kan met instemming van de partijen bij het Scheldeverdrag worden toegewezen aan het internationaal stroomgebiedsdistrict van de Schelde. De bevoegdheid van de Internationale Scheldecommissie strekt zich onder dezelfde voorwaarden uit tot het stroomgebied van de IJzer.

Bij gebrek aan instemming tussen de partijen bij het Scheldeverdrag kan in overeenstemming met de Franse overheden een lichaam worden aangewezen voor de coördinatie van het waterbeleid binnen het internationaal stroomgebied van de IJzer, in het bijzonder voor de multilaterale afstemming van de stroomgebiedbeheerplannen.

§4. Het stroomgebied van de Brugse Polders kan met instemming van de partijen bij het Scheldeverdrag worden toegewezen aan het internationaal stroomgebiedsdistrict van de Schelde. Met instemming van de partijen bij dat Scheldeverdrag strekt de bevoegdheid van de Internationale Scheldecommissie zich uit tot dit stroomgebied.

Bij gebrek aan instemming tussen de partijen bij het Scheldeverdrag kan in overeenstemming met de Nederlandse overheden een lichaam worden aangewezen voor de coördinatie van het waterbeleid binnen het internationaal stroomgebiedsdistrict van de Brugse Polders, in het bijzonder voor de multilaterale afstemming van de stroomgebiedbeheerplannen.

§5. Grondwaterlichamen en oppervlaktewaterlichamen die aan de hand van in hoofdzaak hydrografische criteria niet volledig tot een bepaald stroomgebied behoren, worden door de Vlaamse Regering nauwkeurig bepaald en toegewezen aan het dichtstbijgelegen of meest geschikte stroomgebiedsdistrict.


Afdeling II.
De bekkens en grondwatersystemen


Art. 1.4.2.1.

§1. De in het Vlaamse Gewest gelegen gedeelten van de stroomgebieden van de Schelde en de Maas worden door de Vlaamse Regering aan de hand van in hoofdzaak hydrografische en hydrogeologische criteria ingedeeld in bekkens en grondwatersystemen.

De Vlaamse Regering bakent op nauwkeurige wijze op kaart de grenzen van deze bekkens en grondwatersystemen af.

§2. Oppervlaktewaterlichamen die aan de hand van in hoofdzaak hydrografische criteria niet volledig tot een bepaald bekken behoren, worden door de Vlaamse Regering geheel of gedeeltelijk toegewezen aan het dichtstbijgelegen of meest geschikte bekken.

§3. Het in het Vlaamse Gewest gelegen gedeelte van het stroomgebied van de IJzer en het stroomgebied van de Brugse Polders worden aangewezen als bekkens.


Afdeling III.
De deelbekkens


Art. 1.4.3.1.

§1. De Vlaamse Regering deelt de bekkens aan de hand van in hoofdzaak hydrografische criteria verder op in deelbekkens.

Ze bakent op nauwkeurige wijze op kaart de grenzen daarvan af.

§2. Oppervlaktewaterlichamen die aan de hand van in hoofdzaak hydrografische criteria niet volledig tot een bepaald deelbekken behoren, worden door de Vlaamse Regering geheel of gedeeltelijk toegewezen aan het meest dichtbij gelegen of meest geschikte deelbekken.