Art. 3.1.2.

In deze titel wordt verstaan onder:
Openbare riool: elke openbare afwatering aangelegd als ondergrondse geleiding of openluchtgreppel of -gracht en bestemd voor het opvangen van afvalwater;
2° verontreiniging: rechtstreekse of zijdelings uit menselijke activiteiten voort­vloeiende inbreng van stoffen die de samenstelling of de toestand van het water kan verande­ren, derwijze dat het niet meer geschikt of minder geschikt is voor het gebruik dat ervan moet kunnen worden gemaakt, of dat het milieu door het aanzicht of de uitwasemingen van het water wordt bedorven;
wateren van het openbaar hydrografisch net: de wateren van de waterwegen of die als dusdanig zijn gerangschikt, de wateren van de onbevaarbare waterlopen en van de afwateringen met voortdurende of onderbroken afvoer, alsook in ’t het algemeen, de stromende en stilstaande wateren van het openbaar domein.