Hoofdstuk 2.
Bescherming van het oppervlaktewater tegen verontreiniging


Art. 3.2.1.

Het is verboden voorwerpen of stoffen in de wateren van het openbaar hydrografisch net of in de openbare riolen te werpen of te deponeren, er verontreinigde of verontreinigende vloeistoffen in te lozen of er gassen in te brengen, met uitzondering van volgende gevallen:
de lozing van afvalwater waarvoor vergunning is verleend of melding is gedaan overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en zijn uitvoeringsbesluiten;
2° het lozen van huishoudelijk afvalwater, voor zover de biologisch afbreekbare organische belasting van dit afvalwater niet meer bedraagt dan 20 inwonerequivalenten en de lozing geschiedt overeenkomstig het in het eerste lid van artikel 3.2.2 bedoelde reglement;
3° het lozen van afvalwater uit keukens, eetruimten, wasruimten en bijkeukens, alsmede toiletwater afkomstig van schepen, met uitzondering van:
a) passagierschepen die toegelaten zijn voor het vervoer van meer dan 50 passagiers die niet beschikken over een zuiveringsinstallatie welke voldoet aan de grens- en controlewaarden voor zuiveringsinstallaties aan boord van passagiersschepen zoals opgenomen in bijlage 2, aanhangsel V, van het verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart ondertekend te Straatsburg op 9 september 1996;
b) pleziervaartuigen, zijnde voor sport- en vrijetijdsdoeleinden bedoelde vaartuigen, ongeacht het type of de wijze van voortstuwing, met een romplengte van 2,5 tot 24 m;
4° het lozen door schepen van waswaters afkomstig van het reinigen van de eigen ruimen, voor zover cumulatief voldaan wordt aan:
a) de lozingsvoorwaarden voorzien in het verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart ondertekend te Straatsburg op 9 september 1996;
b) de uitzonderingen op de losstandaarden voorzien door de havenkapiteindiensten binnen de Vlaamse havenbesturen;
5° het lozen door schepen van ballastwater voor zover voldaan wordt aan de voorwaarden voorzien in het Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen, gedaan te Londen op 13 februari 2004.

Het is eveneens verboden vaste stoffen of vloeistoffen te deponeren op een plaats vanwaar ze door een natuurlijk verschijnsel in die wateren of in de openbare riolen kunnen terechtkomen.


Art. 3.2.2.

De Vlaamse Regering stelt de algemene reglementen vast inzake de openbare riolen en de lozing van afvalwater in de wateren van het openbaar hydrografisch net.

De Vlaamse Regering kan het gebruik reglementeren van producten die, indien zij na aanwending terechtkomen in de rioolwaters of in de oppervlaktewaters, hetzij de oppervlaktewaters kunnen verontreinigen of hun zelfreiniging belemmeren, hetzij de werking kunnen schaden van de installaties voor zuivering van afvalwater geëxploiteerd door de Vennootschap vermeld in artikel 2.6.1.1.1..


Art. 3.2.3. De Vlaamse Regering bepaalt de eenheid van verontreinigende belasting op grond van het volume en de kenmerken van het afvalwater dat gewoonlijk, in vierentwintig uren, door één inwoner geloosd wordt.

De Vlaamse Regering kan voor het afvalwater van de nijverheids- of andere ondernemingen de waarde van de omzettingscoëfficiënten in eenheden verontreinigende belasting bepalen.