Art. 4.2.4.5.

§1. De heffing, vastgesteld overeenkomstig artikel 4.2.2.1.1. tot 4.2.2.1.10, en artikel 4.2.3.1., wordt gevestigd uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op het heffingsjaar.

§2. In afwijking van paragraaf 1, kan een heffing of een aanvullende heffing worden gevestigd gedurende vijf jaar vanaf 1 januari van het heffingsjaar, in de gevallen waarin de heffingsplichtige nagelaten heeft tijdig een geldige aangifte in te dienen waartoe hij verplicht is overeenkomstig artikel 4.2.4.1., of als de verschuldigde heffing hoger is dan de heffing die gesteund is op de gegevens vermeld in de aangifte.

Indien in een proces-verbaal van overtreding onvergunde lozingen zijn vastgesteld, als vermeld in artikel 4.2.2.1.10, §1, wordt voor de jaren waarin de onregelmatigheden zich hebben voorgedaan, de in vorige lid bedoelde termijn verlengd vanaf de datum van het proces-verbaal tot zes maanden na de datum waarop de Vlaamse Milieumaatschappij kennis krijgt van de definitieve gerechtelijke beslissing.

In afwijking van de eerste paragraaf kan een heffing of een aanvullende heffing waterverontreiniging worden gevestigd binnen twaalf maanden na de datum waarop:
1° het geschil over de bovengemeentelijke bijdrage of de vergoeding, vermeld in artikel 4.3.1.1.1., 4.3.1.2.1. en 4.3.2.1., definitief is beslecht;
2° de exploitant van een openbaar waterdistributienetwerk aan de betrokken abonnee of persoon bevestigt dat hem ten onrechte een bovengemeentelijke bijdrage of vergoeding, vermeld in artikel 4.3.1.1.1., 4.3.1.2.1. en 4.3.2.1.

§3. Meerdere heffingen betreffende eenzelfde heffingsjaar kunnen lastens een zelfde heffingsplichtige worden gevestigd.

§4. De heffingen, evenals de administratieve geldboeten en de heffingsverhogingen die ermee verband houden, verschuldigd overeenkomstig dit hoofdstuk en titel V worden opgenomen in kohieren die worden medegedeeld aan de met de inning en invordering belaste ambtenaren.

§5. De kohieren worden uitvoerbaar verklaard door de leidend ambtenaar van de Vlaamse Milieumaatschappij of de door hem gedelegeerde ambtenaar. Ze worden, op straffe van verval, binnen de in §1 en §2 bepaalde termijn uitvoerbaar verklaard.

§6 De kohieren vermelden:
1° de gegevens van de heffingplichtigen:
a) voor de heffingsplichtigen, vermeld in artikel 4.2.2.2.1.:
i) waaraan een openbare water­voorzieningsmaatschappij waterverbruik in het Vlaamse Gewest heeft gefactureerd betreffende het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar: de naam en het adres van facturatie;
ii) die geen water hebben afge­no­men van een openbare watervoorzieningsmaatschappij in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar: de naam, de voornaam en het adres van de natuurlijke personen; de naam en het adres van de rechtsperso­nen;
b) voor de overige heffingsplichtige: de naam, de voornaam en het adres van de natuurlijke personen; de naam en het adres van de maatschappelijke zetel van de rechtsperso­nen;
c) indien voor de heffing waterverontreiniging de natuurlijke persoon, vermeld in punt a) of b) , is overleden, wordt de aanslag ingekohierd op de naam van de overleden persoon voor­afgegaan van het woord "Nalatenschap" en eventueel gevolgd door de aanduiding van de persoon of personen die zich aan de Vlaamse Milieumaatschappij hebben bekend gemaakt als erfgenaam of legataris;
2° de verwijzing naar dit hoofdstuk uit deze titel;
3° het bedrag van de heffing en het heffingsjaar waarop ze betrekking heeft;
4° het artikelnummer;
5° de datum van uitvoerbaarverklaring;
6° de handtekening van de in §5 bedoelde ambtenaar.

§7. De heffingsplichtige op wiens naam de heffing is ingekohierd ontvangt zonder kosten een heffingsbiljet.

De verzending van het heffingsbiljet geschiedt op straffe van verval per post binnen zes maanden te rekenen van de datum van de uitvoerbaarverklaring van het kohier.

Het heffingsbiljet bevat:
1° de datum van verzending van het heffingsbiljet;
2° de gegevens bedoeld in §6, 1° tot 5° ;
3° de betalingstermijn;
4° de termijn waarin een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming en het juiste adres van de instantie die bevoegd is om ze te ontvangen.

§8. Op schriftelijk verzoek van een persoon die niet is opgenomen in het kohier, vermeld in paragraaf 6, kan de Vlaamse Milieumaatschappij de naam op het heffingsbiljet, vermeld in paragraaf 7, wijzigen. Die persoon ontvangt dan een heffingsbiljet op zijn naam, met de vermelding dat dit nieuw exemplaar met toepassing van die paragraaf wordt uitgereikt. In voorkomend geval is het oorspronkelijke kohier uitvoerbaar tegen de persoon die er niet in opgenomen is en die de naamswijziging heeft aangevraagd.