Art. 5.2.1.2.

1. Wanneer de toezichthoudende ambtenaren vaststellen dat de waterleverancier water bestemd voor menselijke consumptie levert dat niet voldoet aan de overeenkomstig artikel 2.2.1, 1, en zijn uitvoeringsbesluiten vastgestelde kwaliteitseisen of dat de waterleverancier de overeenkomstig artikel 2.2.1, 3, en zijn uitvoeringsbesluiten vastgestelde herstelmaatregelen en beperkingen van het gebruik niet neemt, kunnen de toezichthoudende ambtenaren, wanneer de waterleverancier weigert gevolg te geven aan de in artikel 5.2.1.1., 3, bedoelde raadgevingen, aanmaningen en bevelen:
1
mondeling en ter plaatse de stopzetting bevelen van de levering van water bestemd voor menselijke consumptie binnen de termijn die zij bepalen of;
2
de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren; de uitvoering van deze maatregelen geschiedt op kosten en risico van de in gebreke blijvende persoon.

2. Als de toezichthoudende ambtenaren vaststellen dat de eigenaar of de abonnee een van de volgende handelingen stelt:
1
niet instemmen met of zich verzetten tegen de controles, vermeld in artikel 2.4.1, 1, met uitzondering van de controle van de watermeter;
2
niet instemmen met of zich verzetten tegen de inventarisatie-, controle- en onderhoudstaken, vermeld in artikel 2.4.1, 2;
3
niet instemmen met of zich verzetten tegen de keuring, vermeld in artikel 2.2.1, 2, 1 ;
4
de herstelmaatregelen aan het huishoudelijk leidingnet, vermeld in artikel 2.3.2, 2 tot en met 4 en artikel 2.3.4, niet uitvoeren;
5
weigeren om de door de Vlaamse Regering vastgestelde procedures voor de tegensprekelijke overname van de waterlevering of voor een vernieuwde indienststelling van de waterlevering, na te leven;
6 weigert om de door de Vlaamse Regering vastgestelde verplichting voor de bemetering van het waterverbruik na te komen;
dan kunnen de toezichthoudende ambtenaren – als de eigenaar of de abonnee weigert gevolg te geven aan de raadgevingen, aanmaningen en bevelen die overeenkomstig artikel 5.2.1.1., 3, zijn gegeven – de onderbreking bevelen van de levering van water, bestemd voor menselijke consumptie, binnen de termijn die ze bepalen, of kunnen ze de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren.

De uitvoering van die maatregelen geschiedt op kosten en op risico van de in gebreke blijvende persoon.

3. Naast de in paragraaf 1 en 2 bedoelde gevallen, kunnen de toezichthoudende ambtenaren in geval van gevaar voor de volksgezondheid de stopzetting of de onderbreking bevelen van de levering van water bestemd voor menselijke consumptie.

4. Indien binnen de gestelde termijn geen gevolg gegeven wordt aan de bevelen tot stopzetting of onderbreking, kunnen de toezichthoudende ambtenaren de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren. De uitvoering van deze maatregelen geschiedt op kosten en risico van de in gebreke blijvende persoon.

De toezichthoudende ambtenaren vermelden bij de bevelen tot stopzetting of onderbreking van de levering van water, bestemd voor menselijke consumptie, de voorwaarden waaraan moet worden voldaan voor het heropstarten van de levering.

5. De overtreder en de waterleverancier worden op de hoogte gebracht van de bevelen tot stopzetting of onderbreking van de levering, vermeld in dit artikel.

De overtreder wordt op de hoogte gebracht binnen vijf werkdagen, met een per post aangetekende brief.