Art. 65.

Een administratieve geldboete vervalt vijf jaar na de vaststelling van de overtreding. De vaststelling van de overtreding gebeurt op het moment van de betekening van het dwangbevel, vermeld in artikel 68.


De verjaring wordt gestuit op de wijze en onder de voorwaarden bepaald bij de artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek.