Art. 3/4. De leden van de commissie, de ambtenaren van het agentschap en de door de Vlaamse Regering aangewezen personen hebben, als dat voor het onderzoek ter voorbereiding van de vaststelling van de inventaris van het varend erfgoed noodzakelijk is, toegang tot het varend erfgoed, maar niet tot de gedeelten die gebruikt worden als woongelegenheid of bedrijfslokaal tenzij ze hiervoor de toestemming hebben van de eigenaar en de gebruiker.