Art. 3/9. De eigenaars en gebruikers van het varend erfgoed dat in de vastgestelde inventaris van het varend erfgoed is opgenomen, kunnen volgens de modaliteiten door de Vlaamse Regering nader te bepalen, vrijgesteld worden van:
1 scheepvaartrechten;
2 haven-, kaai-, sluis-, brug-, doorvaart-, verblijfs-, tonnenmaat- en passagiersgelden of -rechten, van welke aard of benaming ook;
3 loodsgelden en loodsvergoedingen;
4 vergoedingen verschuldigd door de gebruikers van het verkeersbegeleidingssysteem voor vaartuigen;
5 retributies voor het opmaken, het afgeven of het wijzigen van documenten met betrekking tot het vaartuig die bij de wetten, decreten en verordeningen zijn voorgeschreven;
6 retributies voor de levering van publicaties en het afgeven van platen en andere kentekens met betrekking tot het vaartuig die bij de wetten, decreten en verordeningen zijn voorgeschreven.