Onderafdeling 3.
Verplichtingen aangestelde erkende archeoloog - Archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem


Art. 5.4.5. Als het onmogelijk of juridisch, economisch of maatschappelijk onwenselijk is om voorafgaand aan het aanvragen van de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of voor het verkavelen van gronden een archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem uit te voeren, meldt de erkende archeoloog de resultaten van het archeologisch vooronderzoek zonder ingreep in de bodem bij het agentschap of in voorkomend geval bij de erkende onroerenderfgoedgemeenteinde vorm van eenarcheologienota overeenkomstig onderafdeling 7 en volgt verder de procedure omschreven in die onderafdeling.

Als de archeologienota betrekking heeft op percelen die op het grondgebied van meerdere gemeenten liggen, meldt de erkende archeoloog de archeologienota aan het agentschap.

Art. 5.4.6. 1. De door de initiatiefnemer aangestelde erkende archeoloog vraagt via het digitale platform dat het agentschap daarvoor beschikbaar stelt, aan het agentschap of in voorkomend geval aan de erkende onroerenderfgoedgemeente een toelating om een archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem uit te voeren.

Als het archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem betrekking heeft op percelen die op het grondgebied van meerdere gemeenten liggen, vraagt de erkende archeoloog een toelating tot het uitvoeren ervan aan het agentschap.

De aanvraag tot toelating bevat minstens de volgende gegevens:
1 de naam en het adres van de initiatiefnemer;
2 het erkenningsnummer van de erkende archeoloog;
3 de woonplaats of maatschappelijke zetel van de erkende archeoloog;
4 de locatie van het archeologisch vooronderzoek met in voorkomend geval de kadastrale gegevens van de betrokken percelen;
5 de aanleiding voor het archeologisch vooronderzoek;
6 de voorgestelde uitvoeringswijze.

De Vlaamse Regering kan de in de aanvraag tot toelating op te nemen gegevens nader omschrijven of uitbreiden.

2. Het agentschap of in voorkomend geval de erkende onroerenderfgoedgemeente neemt een beslissing over de aanvraag tot toelating binnen een termijn van vijftien dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend. Als die termijn wordt overschreden, wordt de toelating geacht goedgekeurd te zijn. Het agentschap of in voorkomend geval de erkende onroerenderfgoedgemeente bezorgt de beslissing per beveiligde zending aan de erkende archeoloog of stelt die digitaal ter beschikking via het daarvoor voorziene digitale platform. De beslissing vermeldt de voorwaarden die van toepassing zijn.

3. Als het agentschap of in voorkomend geval de erkende onroerenderfgoedgemeente het archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem weigert of er voorwaarden aan koppelt, kan de initiatiefnemer, de door de initiatiefnemer aangestelde erkende archeoloog of het agentschap een georganiseerd administratief beroep instellen bij de Vlaamse Regering. De Vlaamse Regering kan over het beroepschrift advies inwinnen bij de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels daarvoor.

Art. 5.4.7. Het archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem moet worden uitgevoerd overeenkomstig de voorgestelde uitvoeringswijze in de aanvraag tot toelating, de eventuele voorwaarden van het agentschap of de erkende onroerenderfgoedgemeente en de code van goede praktijk.