Art. 5.6.1.

§ 1. De Vlaamse Regering evalueert jaarlijks de effectiviteit van dit hoofdstuk. Het evaluatierapport wordt ter informatie voorgelegd aan het Vlaams Parlement.

In het rapport, vermeld in het eerste lid, komen ten minste een beschrijving en beoordeling van de sterktes en te verbeteren punten, de kansen en de moeilijkheden bij archeologisch onderzoek en de financiering ervan.

§ 2. Het agentschap legt jaarlijks een rapport aan de Vlaamse Regering voor. Voor de opmaak van het rapport kan het agentschap het advies inwinnen van de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed. In dit rapport komen ten minste de volgende elementen aan bod :
1° een overzicht van het aantal vooronderzoeken en opgravingen, alsook de duur ervan;
2° een overzicht van de resultaten van die onderzoeken;
3° een overzicht van de voorgestelde en goedgekeurde maatregelen uit de archeologienota;
4° de financiėle implicaties van het archeologisch onderzoek en de werking van het archeologisch solidariteitsfonds.