Onderafdeling 2.
Definitieve bescherming


Art. 6.1.12. De Vlaamse Regering kan over de definitieve bescherming advies inwinnen bij de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed.

Art. 6.1.13. De Vlaamse Regering stelt het besluit tot definitieve bescherming vast.

Art. 6.1.14.

Het besluit tot definitieve bescherming bevat minstens de volgende gegevens :
1° in voorkomend geval de kadastrale gegevens van het perceel of de percelen waarop de onroerende goederen zich bevinden;
2° de vermelding of het een bescherming van een archeologische site, cultuurhistorisch landschap, monument of stads- of dorpsgezicht betreft met, in voorkomend geval, een overgangszone;
3° de benaming van het beschermde onroerend goed;
4° een beknopte wetenschappelijke beschrijving;
5° de erfgoedwaarden;
6° de erfgoedelementen en de erfgoedkenmerken;
7° de beheersdoelstellingen die de optimale verwezenlijking omschrijven van de waarden die aanleiding gegeven hebben tot de bescherming;
8° bijzondere voorschriften voor de instandhouding en het onderhoud;
9° in voorkomend geval bijzondere voorschriften voor de instandhouding en het onderhoud in de overgangszone.

Bij elk besluit tot definitieve bescherming worden de volgende bijlagen gevoegd :
1° een plan waarop het onroerend goed en in voorkomend geval de overgangszone nauwkeurig wordt afgelijnd;
2° een fotoregistratie van de fysieke toestand;
3° in voorkomend geval een lijst met de cultuurgoederen die integrerend deel uitmaken van het onroerend goed;
4° een document waarin het agentschap zich uitspreekt over de ingediende bezwaren en opmerkingen en in voorkomend geval over de uitgebrachte adviezen en het verslag van de hoorzitting.

De Vlaamse Regering kan de gegevens die in elk besluit tot definitieve bescherming of in de bijlagen zijn opgenomen, nader omschrijven of uitbreiden.


Art. 6.1.15. Het besluit tot definitieve bescherming wordt na de kennisgeving, vermeld in artikel 6.1.16, bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

Art. 6.1.16.

Het besluit tot definitieve bescherming van een archeologische site, monument of stads- of dorpsgezicht wordt met bijlagen per beveiligde zending aan de zakelijkrechthouders ter kennis gebracht.

De zakelijkrechthouders die, overeenkomstig het eerste lid, van het besluit tot definitieve bescherming op de hoogte gebracht zijn:
1° brengen de gebruikers van het onroerend goed per beveiligde zending op de hoogte van het besluit tot definitieve bescherming binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op de dag na de kennisgeving. De beveiligde zending vermeldt die verplichting;
2° brengen de zakelijkrechthouders van de cultuurgoederen per beveiligde zending op de hoogte van het besluit tot definitieve bescherming binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op de dag na de kennisgeving. Die verplichting wordt in de beveiligde zending vermeld;
3° brengen het agentschap schriftelijk op de hoogte van de eventuele verkoop, overdracht van het eigendomsrecht of overdracht van een ander zakelijk recht, waarbij de nodige stavingsdocumenten gevoegd zijn, binnen een termijn van tien dagen, die ingaat op de dag na de kennisgeving. Die verplichting wordt in de kennisgeving vermeld. De nieuwe zakelijkrechthouders worden op hun beurt, overeenkomstig het eerste lid, op de hoogte gebracht van het besluit.


Art. 6.1.17. Het besluit tot definitieve bescherming wordt per beveiligde zending ter kennis gebracht van de gemeenten op het grondgebied waarvan het beschermde goed ligt.

Art. 6.1.18. De rechtsgevolgen van een besluit tot definitieve bescherming zijn van toepassing :
1° op de zakelijkrechthouders vanaf de kennisgeving, vermeld in artikel 6.1.16;
2° op de gebruikers en de eigenaars van de cultuurgoederen vanaf de kennisgeving door de zakelij krechthouders, vermeld in artikel 6.1.16;
3° op iedereen vanaf de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, vermeld in artikel 6.1.15.