Afdeling 3.
Archeologie


Onderafdeling 1.
Archeologisch vooronderzoek en archeologische opgraving


Art. 10.3.1. Tenzij het anders overeengekomen is, worden de kosten van het archeologisch vooronderzoek en de archeologische opgraving gedragen door de aanvrager van de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of het verkavelen van gronden zoals bedoeld in artikel 5.4.1 en 5.4.2.

Onderafdeling 2.
Toevalsvondsten


Art. 10.3.2. De kosten van onderzoek na een toevalsvondst als vermeld in artikel 5.1.4 worden gedragen door het Vlaamse Gewest.

Art. 10.3.3.

De zakelijkrechthouder of de gebruiker van een onroerend goed kunnen een vergoeding vorderen voor schade ten gevolge van de verplichtingen, vermeld in artikel 5.1.4, als de schade voortvloeit uit de verlenging van de termijn van tien dagen en als de totale termijn dertig dagen overschrijdt.

De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en de procedure van de schadevergoedingsplicht.

De zakelijkrechthouder en de gebruiker kunnen geen schadevergoeding vorderen als ze de toevalsvondst niet overeenkomstig artikel 5.1.4 hebben gemeld.


Onderafdeling 3.
Archeologisch solidariteitsfonds


Art. 10.3.4. De Vlaamse Regering kan een archeologisch solidariteitsfonds erkennen als het minstens voldoet aan de volgende voorwaarden :
1 het archeologisch solidariteitsfonds wordt opgericht in de vorm van een vereniging zonder winstoogmerk;
2 zowel natuurlijke personen als privaatrechtelijke en publiekrechtelijke rechtspersonen kunnen lid worden van het archeologisch solidariteitsfonds;
3 het archeologisch solidariteitsfonds legt zijn leden, op straffe van uitsluiting, de betaling van een bijdrage op waarvan de berekeningswijze overeengekomen wordt tussen het archeologisch solidariteitsfonds en de Vlaamse Regering. De bijdrage is afhankelijk van de mate waarin het lid als initiatiefnemer of als aannemer van diensten of werken voor rekening van derden activiteiten uitvoert die gepaard gaan met bodemingrepen;
4 het archeologisch solidariteitsfonds vergoedt zijn leden of de natuurlijke personen of rechtspersonen waarvoor zijn leden optreden als architect, aannemer van werken of erkende archeoloog, voor een deel van de kosten die gepaard gaan met archeologische opgravingen die worden uitgevoerd in overeenstemming met afdeling 4 van hoofdstuk 5. De voorwaarden hiervan worden opgenomen in een overeenkomst tussen het archeologisch solidariteitsfonds en de Vlaamse Regering.

Art. 10.3.5. Een erkend archeologisch solidariteitsfonds ontvangt, binnen de beschikbare begrotingskredieten, een toelage van het Vlaamse Gewest die onder andere kan worden aangewend voor de werking van het fonds. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de berekeningswijze van de toelage op basis van een rapporteringsmechanisme, de wijze van toekenning en uitbetaling en controlemaatregelen.