Art. 11.1.2.

Jaarlijks stelt de gewestelijke entiteit die door de Vlaamse Regering belast wordt met de handhaving van dit decreet een handhavingsrapport Onroerend Erfgoed op.

Het handhavingsrapport Onroerend Erfgoed omvat minstens de volgende onderdelen :
1 een algemene evaluatie van het in het afgelopen kalenderjaar gevoerde handhavingsbeleid inzake Onroerend Erfgoed;
2 een specifieke evaluatie van de inzet van de afzonderlijke handhavingsinstrumenten;
3 een overzicht van de gevallen waarin, binnen de gestelde termijn, geen uitspraak werd gedaan over de beroepen tegen besluiten houdende bestuurlijke maatregelen;
4 een evaluatie van de beslissingspraktijk van de parketten inzake het al dan niet strafrechtelijk behandelen van een vastgesteld misdrijf Onroerend Erfgoed;
5 een inventaris van de inzichten die tijdens de handhaving werden opgedaan en die kunnen worden aangewend ter verbetering van de regelgeving, beleidsvisies en beleidsuitvoering inzake Onroerend Erfgoed;
6 aanbevelingen voor de verdere ontwikkeling van het handhavingsbeleid inzake Onroerend Erfgoed.

De gewestelijke entiteit deelt het rapport mee aan de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen voor de inhoud, de opstelling en de verspreiding van het rapport.