Onderafdeling 1.
Wijziging van het Bosdecreet van 13 juni 1990


Art. 12.1.1. Aan artikel 20 van het Bosdecreet van 13 juni 1990, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt :
Overeenkomstig artikel 6.4.4, 3, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed wordt voor het verlenen van een machtiging zoals vermeld in het eerste lid, die betrekking heeft op een handeling aan of in beschermde goederen zoals bedoeld in dat decreet, advies gevraagd aan de entiteit die door de Vlaamse Regering is belast met de beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed. .

Art. 12.1.4. Aan artikel 44, 2, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt :
Overeenkomstig artikel 6.4.4, 3, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed wordt voor het verlenen van een machtiging zoals vermeld in het eerste lid, die betrekking heeft op een handeling aan of in beschermde goederen zoals bedoeld in dat decreet, advies gevraagd aan de entiteit die door de Vlaamse Regering is belast met de beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed. .

Art. 12.1.5. In artikel 50 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, wordt na het eerste lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt :
Overeenkomstig artikel 6.4.4, 3, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed wordt voor het verlenen van een machtiging zoals vermeld in het eerste lid, die betrekking heeft op een handeling aan of in beschermde goederen zoals bedoeld in dat decreet, advies gevraagd aan de entiteit die door de Vlaamse Regering is belast met de beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed. .

Art. 12.1.6. In artikel 81 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, wordt tussen het vierde en het vijfde lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt :
Overeenkomstig artikel 6.4.4, 3, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed wordt voor het verlenen van een machtiging zoals vermeld in het vierde lid, die betrekking heeft op een handeling aan of in beschermde goederen zoals bedoeld in dat decreet, advies gevraagd aan de entiteit die door de Vlaamse Regering is belast met de beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed. .

Art. 12.1.7. Aan artikel 97 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt :
3. Overeenkomstig artikel 6.4.4, 3, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed wordt voor het verlenen van een machtiging zoals vermeld in de paragrafen 1 en 2, die betrekking heeft op een handeling aan of in beschermde goederen zoals bedoeld in dat decreet, advies gevraagd aan de entiteit die door de Vlaamse Regering is belast met de beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed. .