Art. 12.3.9.

De besluiten tot bescherming als stads- of dorpsgezicht in de zin van artikel 2, 3, van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten voor de wijziging bij het decreet van 22 februari 1995, de besluiten als stads- of dorpsgezicht in de zin van artikel 2, 3, eerste streepje, van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten na de wijziging bij het decreet van 22 februari 1995 behouden hun rechtskracht tot zij overeenkomstig dit decreet worden gewijzigd of opgeheven.

Ten aanzien van deze beschermingsbesluiten gelden de gevolgen die dit decreet verbindt aan een bescherming als stads- en dorpsgezicht.

De Vlaamse Regering kan een beschermingsbesluit als vermeld in het eerste lid omzetten in een bescherming als archeologische site, monument of cultuurhistorisch landschap en er de rechtsgevolgen van een bescherming als archeologische site, monument of cultuurhistorisch landschap overeenkomstig dit decreet aan koppelen.

De omzetting van een besluit tot definitieve bescherming gebeurt onder de voorwaarden en in de vorm vastgesteld in de artikelen 12.3.3 tot en met 12.3.7.