Afdeling 6.
Asbesthoudende materialen


Onderafdeling 6.1.
Algemene bepalingen


Art. 33/1.

Het is verboden constructies zoals zonnepanelen, overzetdaken en reclamepanelen te bevestigen aan of over asbesthoudende dak- en gevelbekleding. Het is eveneens verboden asbesthoudende dak- en gevelbekleding in te sluiten of te bedekken met andere materialen.


Art. 33/2.

Het is verboden dak- en gevelbekleding van asbestcement te reinigen of te ontmossen.


Art. 33/3.

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen voor het beheer van afstromend hemelwater van een dak- of gevelbekleding van asbestcement om de impact op mens en milieu te minimaliseren.


Art. 33/4.

De Vlaamse Regering kan het afleveren van een afgiftebewijs bij afgifte van asbesthoudende huishoudelijke afvalstoffen aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die overeenkomstig artikel 11 houder is van een vergunning voor de verwijdering van de afvalstoffen of aan een geregistreerde afvalstoffenhandelaar of -makelaar als vermeld in artikel 13, verplichten.

 

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen betreffende de inhoud en de aflevering van het afgiftebewijs, vermeld in het eerste lid.


Onderafdeling 6.2.
Verwijderingsplicht asbesthoudende materialen


Art. 33/5.

Elke eigenaar van een publieke constructie met risicobouwjaar is verplicht zijn constructie met risicobouwjaar tegen 1 januari 2034 te ontdoen van de volgende asbesthoudende materialen:

alle eenvoudig bereikbare niet-hechtgebonden asbesthoudende materialen met uitzondering van asbesthoudend pleisterwerk op wanden dat een laag risico vormt als vermeld in artikel 33/6, derde lid;
alle dak- en gevelbekledingen, dakgoten, rookgaskanalen en hemelwaterafvoerkanalen bestaande uit asbestcement als ze zich aan de buitenzijde bevinden.

 

Voor publieke constructies met risicobouwjaar waarvoor de eigenaar overeenkomstig artikel 33/9 over een asbestinventarisattest moet beschikken, bewijst dit attest of al dan niet aan de verplichting, vermeld in het eerste lid, is voldaan. Voor de andere constructies met risicobouwjaar kan de Vlaamse Regering bepalen hoe de naleving van deze verplichting kan worden aangetoond.

 

De Vlaamse Regering kan een uitstel voor een duur van maximaal twee jaar verlenen voor de uitvoering van de verplichting, vermeld in het eerste lid, zowel voor bepaalde doelgroepen als voor bepaalde categorieën van constructies met risicobouwjaar.

 

De Vlaamse Regering kan bepalen dat een uitstel kan worden bekomen tot 2040 als wordt aangetoond dat de verplichting, vermeld in het eerste lid, niet kan worden gerealiseerd zonder de openbare gezondheid of veiligheid in gevaar te brengen. De Vlaamse Regering bepaalt hiervoor de voorwaarden en de modaliteiten van de aanvraag.


Art. 33/6.

Elke eigenaar van een publieke constructie met risicobouwjaar is verplicht om:

tegen 1 januari 2040 zijn constructie met risicobouwjaar asbestveilig te maken;
de asbestveilige toestand na 1 januari 2040 te behouden.

 

Een asbestveilige toestand is een toestand waarin bij normaal gebruik van de publieke constructie met risicobouwjaar geen blootstellingsrisico’s kunnen ontstaan voor mens en milieu doordat men zich heeft ontdaan van alle eenvoudig bereikbare asbesthoudende materialen met niet-laag risico en de resterende asbesthoudende materialen veilig worden beheerd.

 

Asbesthoudende materialen hebben een laag risico wanneer het op basis van hun aard, staat en voorkomen weinig waarschijnlijk is dat asbestvezels kunnen vrijkomen. Asbesthoudende materialen worden veilig beheerd als de materialen met laag risico deze status behouden en er voor de materialen met niet-laag risico maatregelen zijn getroffen om het risico op het vrijkomen van asbestvezels te verhinderen. In het inspectieprotocol, vermeld in artikel 33/10, § 3, kunnen nadere regels worden vastgesteld omtrent de risico-evaluatie en het veilig beheer van asbesthoudende materialen.

 

Voor publieke constructies met risicobouwjaar waarvoor de eigenaar overeenkomstig artikel 33/9 over een asbestinventarisattest moet beschikken, bewijst dit attest of al dan niet aan de verplichting, vermeld in het eerste lid, 1°, is voldaan. Voor de andere publieke constructies met risicobouwjaar kan de Vlaamse Regering bepalen hoe de naleving van deze verplichting kan worden aangetoond.


Art. 33/7.

Met behoud van de toepassing van de artikelen 33/5 en 33/6 ontdoet de eigenaar van een constructie zich via de geëigende kanalen bij onderhouds-, herstellings- of ontmantelingswerken in constructies altijd van alle asbesthoudende materialen die door de werken eenvoudig bereikbaar geworden zijn.


Art. 33/8.

De OVAM kan overgaan tot het uitvoeren van de ontmanteling, de inzameling, het transport of de verwerking van asbesthoudende materialen. Voor de ontzorging, prefinanciering en financiering daarvan door de OVAM kan de Vlaamse Regering een regeling treffen of een overeenkomst sluiten.


Onderafdeling 6.3.
Asbestinventarisatie


Art. 33/9.

§1.

Met behoud van de toepassing van artikel 33/14 beschikt de eigenaar van een toegankelijke constructie met risicobouwjaar uiterlijk op 31 december 2031 over een [...] asbestinventarisattest.

 

Bij wooneenheden mag een asbestinventaris als vermeld in artikel 33/10, §1, en een asbestinventarisattest maar betrekking hebben op één wooneenheid.

 

Als de toegankelijke constructie met risicobouwjaar onder het stelsel van gedwongen mede-eigendom, vermeld in artikel 577-3 van het Burgerlijk Wetboek, valt, of onder de toepassing van artikel 577-2 van het Burgerlijk Wetboek, beschikt de eigenaar over een afzonderlijk [...] asbestinventarisattest voor zowel de gemeenschappelijke delen als voor het privédeel. Voor de toegankelijke constructies met risicobouwjaar die niet vallen onder het stelsel van gedwongen mede-eigendom, vermeld in artikel 577-3 van het Burgerlijk Wetboek, of onder de toepassing van artikel 577-2 van het Burgerlijk Wetboek, kan de Vlaamse Regering de regels bepalen voor de opmaak van een asbestinventaris voor de gemeenschappelijke delen.

 

Met het oog op de realisatie van de beleidsdoelstelling ‘Asbestveilig Vlaanderen 2040’ kan de Vlaamse Regering bepaalde categorieën van toegankelijke constructies met risicobouwjaar uitsluiten van de verplichting, vermeld in het eerste lid, als het op basis van hun bouwtechnische karakteristieken niet redelijk of proportioneel is om onder de verplichting te vallen. De Vlaamse Regering kan een uitstel voor een duur van maximaal vier jaar verlenen voor de verplichting, vermeld in het eerste lid, voor bepaalde categorieën van toegankelijke constructies met risicobouwjaar na 1980. De Vlaamse Regering kan de verplichting tot het opstellen van een asbestinventaris per wooneenheid, vermeld in het tweede lid, en het opmaken van een afzonderlijke asbestinventaris voor de gemeenschappelijke delen als voor de privatieve delen, vermeld in het derde lid, verder uitwerken. De Vlaamse Regering kan richtlijnen bepalen voor gebouwen en gebouweenheden bij de opmaak van een asbestinventaris.

 

§2.

Elke verhuurder van een toegankelijke constructie met risicobouwjaar die over een geldig asbestinventarisattest beschikt, overhandigt een kopie aan de huurder bij het aangaan van de huur of binnen een termijn van één maand na de datum vermeld op het asbestinventarisattest als dit afgeleverd werd tijdens een lopende huurperiode.


Art. 33/10.

§1.

Een asbestinventarisattest wordt verkregen nadat een asbestinventaris is opgemaakt.

 

§2.

De asbestinventaris bevat minstens:

de identificatie van de toegankelijke constructie met risicobouwjaar;
een opsomming van de aangetroffen asbesthoudende of asbestverdachte materialen;
een aanduiding van de geďnventariseerde asbesthoudende materialen waarvoor conform artikel 33/5 of 33/6 een verwijderingsplicht geldt;
een risico-evaluatie van de asbesthoudende materialen;
een advies over urgente maatregelen ter remediëring van de vastgestelde acute blootstellingsrisico’s, als dat nodig is.

 

§3.

Een asbestinventaris wordt opgemaakt door een asbestdeskundige inventarisatie als vermeld in artikel 33/16, conform een inspectieprotocol asbestinventarisatie.

 

De Vlaamse Regering bepaalt hoe het inspectieprotocol asbestinventarisatie wordt vastgesteld. De Vlaamse Regering kan de verdere inhoud van het inspectieprotocol asbestinventarisatie bepalen. Het inspectieprotocol asbestinventarisatie kan bepalen welke constructies met risicobouwjaar bijkomend deel moeten uitmaken van de asbestinventaris, kan bepaalde constructies met risicobouwjaar of bepaalde materialen uitsluiten van de asbestinventaris en kan de modaliteiten bepalen voor het opmaken van een asbestinventaris per gebouw, gebouweenheid, wooneenheid en gemeenschappelijk deel.

 

De eigenaar van een toegankelijke constructie met risicobouwjaar stelt zijn eigendom open en toegankelijk opdat de asbestdeskundige inventarisatie veilig een volledige asbestinventaris kan opmaken. Dit recht van toegang moet uitgeoefend worden op een redelijke en proportionele wijze. De Vlaamse Regering kan hiervoor nadere regels bepalen.
 

De Vlaamse Regering kan bepalen onder welke voorwaarden een interne preventieadviseur of interne milieucoördinator die de werkgever heeft aangesteld, de taken van de asbestdeskundige inventarisatie, vermeld in artikel 33/16, kan vervullen om een asbestinventaris op te maken voor de toegankelijke constructie met risicobouwjaar waar de werkgever werknemers tewerkstelt.

 

§4.

De asbestdeskundige inventarisatie, vermeld in artikel 33/16, geeft de asbestinventaris in een databank asbestinventarisatie in. De asbestdeskundige inventarisatie kan conform de bepalingen van de regelgeving over de bescherming en verwerking van persoonsgegevens hierbij de volgende categorieën van persoonsgegevens verwerken: persoonlijke contactgegevens, woningkenmerken en rijksregisternummer/identificatienummer van de sociale zekerheid. De asbestdeskundige inventarisatie bewaart deze persoonsgegevens maximaal tot een geldig asbestinventarisattest afgeleverd werd, overeenkomstig artikel 33/11.

 

De databank, vermeld in het eerste lid, wordt beheerd door de OVAM. De OVAM kan in de databank, naast de gegevens, vermeld in paragraaf 2 en in artikel 33/14, § 3, tweede lid, ook conform de bepalingen van de regelgeving over de bescherming en verwerking van persoonsgegevens de volgende categorieën van persoonsgegevens verwerken: persoonlijke contactgegevens, woningkenmerken en rijksregisternummer/identificatienummer van de sociale zekerheid.

 

Alle persoonsgegevens die de OVAM verkrijgt en verwerkt in het kader van de toepassing van deze afdeling, mogen uitsluitend worden aangewend voor de verwezenlijking van de bepalingen van deze onderafdeling en artikel 12 en de organisatie van het toezicht op en de handhaving van het asbestafbouwbeleid, vermeld in deze onderafdeling en artikel 12.

 

De persoonlijke contactgegevens en het rijksregisternummer/identificatienummer van de sociale zekerheid die in de databank zijn opgenomen, worden maximaal bewaard tot een overdracht plaatsvindt, overeenkomstig artikel 33/14, § 3.

 

De OVAM geldt als verwerkingsverantwoordelijke, zoals vermeld in artikel 4, 7°, van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG.

 

De Vlaamse Regering bepaalt welke persoonsgegevens onder de categorieën, vermeld in het eerste en het tweede lid, worden opgenomen in de databank. De Vlaamse Regering bepaalt welke actoren toegang krijgen tot de databank alsook de omvang en de modaliteiten van hun toegangsrechten.

 

De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen omtrent het beheer en de verwerking van de gegevens en de persoonsgegevens die in de databank worden opgenomen.


Art. 33/11.

Nadat een asbestinventaris als vermeld in artikel 33/10 correct is ingegeven in de databank, levert de OVAM een asbestinventarisattest af.

 

Het asbestinventarisattest bevat minstens de geldigheidsduur, de datum, de samenvattende conclusie, de unieke code en de gegevens, vermeld in artikel 33/10, § 2.

 

De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast voor de verdere inhoud, de aflevering en de geldigheidsduur van het asbestinventarisattest.


Art. 33/12.

De OVAM kan overgaan tot de opmaak van een asbestinventaris, conform artikel 33/10. Voor de prefinanciering en de financiering van de inventarisatie door de OVAM kan de Vlaamse Regering een regeling treffen of een overeenkomst sluiten.


Art. 33/13.

De verplichting, vermeld in de artikel 33/9, is niet van toepassing op de openbare, technische toegankelijke constructie met risicobouwjaar.


Art. 33/15.

De verplichtingen, vermeld in artikel 33/14 zijn niet van toepassing op de openbare, technische toegankelijke constructie met risicobouwjaar.


Art. 33/16.

De asbestdeskundige inventarisatie, vermeld in artikel 33/10, is een onafhankelijke deskundige die gecertificeerd is door een certificatie-instelling.

 

De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden voor de certificering van een asbestdeskundige inventarisatie, de nadere regels voor de kwaliteitsborging, de voorwaarden voor het gebruik van het certificaat en de voorwaarden en de procedure tot schorsing en opheffing van het certificaat.

 

Certificatie-instellingen voor de certificering van asbestdeskundigen inventarisatie en de kwaliteitsborging ervan beschikken over een erkenning. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden en de procedure voor de erkenning, de voorwaarden en de procedure voor de schorsing en de opheffing van de erkenning en de voorwaarden voor het gebruik van de erkenning. De Vlaamse Regering legt ook de taken en kwaliteitseisen vast en kan een instantie aanwijzen die ermee belast is de erkenning van de certificatie-instellingen te controleren.

 

De OVAM is van rechtswege gecertificeerd als asbestdeskundige inventarisatie.

 

Voor de certificering van een asbestdeskundige inventarisatie als vermeld in het eerste en het tweede lid, en de erkenning van een certificatie-instelling als vermeld in het derde lid, kan een certificatiereglement opgesteld worden. De Vlaamse Regering kan bepalen hoe dit certificatiereglement wordt vastgesteld en kan de inhoud ervan bepalen.