Onderafdeling 6.2.
Verwijderingsplicht asbesthoudende materialen


Art. 33/5.

Elke eigenaar van een publieke constructie met risicobouwjaar is verplicht zijn constructie met risicobouwjaar tegen 1 januari 2034 te ontdoen van de volgende asbesthoudende materialen:

alle eenvoudig bereikbare niet-hechtgebonden asbesthoudende materialen met uitzondering van asbesthoudend pleisterwerk [...] dat een laag risico vormt [...];
alle dak- en gevelbekledingen, dakgoten, rookgaskanalen en hemelwaterafvoerkanalen bestaande uit asbestcement als ze zich aan de buitenzijde bevinden.

 

Voor publieke constructies met risicobouwjaar waarvoor de eigenaar overeenkomstig artikel 33/9 over een asbestinventarisattest moet beschikken, bewijst dit attest of al dan niet aan de verplichting, vermeld in het eerste lid, is voldaan. Voor de andere constructies met risicobouwjaar kan de Vlaamse Regering bepalen hoe de naleving van deze verplichting kan worden aangetoond.

 

De Vlaamse Regering kan een uitstel voor een duur van maximaal twee jaar verlenen voor de uitvoering van de verplichting, vermeld in het eerste lid, zowel voor bepaalde doelgroepen als voor bepaalde categorieën van constructies met risicobouwjaar.

 

De Vlaamse Regering kan bepalen dat een uitstel kan worden bekomen tot 2040 als wordt aangetoond dat de verplichting, vermeld in het eerste lid, niet kan worden gerealiseerd zonder de openbare gezondheid of veiligheid in gevaar te brengen. De Vlaamse Regering bepaalt hiervoor de voorwaarden en de modaliteiten van de aanvraag.


Art. 33/6.

Elke eigenaar van een publieke constructie met risicobouwjaar is verplicht om:

tegen 1 januari 2040 zijn constructie met risicobouwjaar asbestveilig te maken;
de asbestveilige toestand na 1 januari 2040 te behouden.

 

[...]

 

[...] In het inspectieprotocol, vermeld in artikel 33/10, § 3, kunnen nadere regels worden vastgesteld omtrent de risico-evaluatie en het veilig beheer van asbesthoudende materialen.

 

Voor publieke constructies met risicobouwjaar waarvoor de eigenaar overeenkomstig artikel 33/9 over een asbestinventarisattest moet beschikken, bewijst dit attest of al dan niet aan de verplichting, vermeld in het eerste lid, 1°, is voldaan. Voor de andere publieke constructies met risicobouwjaar kan de Vlaamse Regering bepalen hoe de naleving van deze verplichting kan worden aangetoond.


Art. 33/7.

Met behoud van de toepassing van de artikelen 33/5 en 33/6 ontdoet de eigenaar van een constructie zich via de geëigende kanalen bij onderhouds-, herstellings- of ontmantelingswerken aan constructies altijd van alle asbesthoudende materialen die door de werken eenvoudig bereikbaar geworden zijn.


Art. 33/8.

De OVAM kan overgaan tot het uitvoeren van de ontmanteling, de inzameling, het transport of de verwerking van asbesthoudende materialen. Voor de ontzorging, prefinanciering en financiering daarvan door de OVAM kan de Vlaamse Regering een regeling treffen of een overeenkomst sluiten.