Afdeling 4.
Uitbouw van nieuwe capaciteiten


Arikel 7terdecies.

Bij besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad, na advies van de netbeheerder en de commissie, kan de Koning iedere andere maatregel nemen die rechtstreeks of onrechtstreeks leidt tot de uitbouw van nieuwe capaciteiten, teneinde ’s lands bevoorradingszekerheid te verzekeren. Dit besluit kan slechts genomen worden wanneer blijkt dat de maatregelen bedoeld in de artikelen 7undecies en 7duodecies niet tot het gewenste resultaat hebben geleid.


Het besluit bedoeld in het eerste lid, wordt geacht nooit uitwerking te hebben gehad, indien het niet bij wet bekrachtigd is binnen twaalf maanden na de datum van zijn inwerkingtreding.


De Koning heft de beslissing genomen in toepassing van het eerste lid, op binnen tien dagen vanaf de kennisgeving door de Europese Commissie van haar beslissing dat de steunmaatregelen bedoeld in dit artikel onverenigbare staatssteun vormen in de zin van artikel 107 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Die opheffing impliceert het verbod op het nemen van een maatregel krachtens dit artikel die rechtstreeks of onrechtstreeks leidt tot de uitbouw van nieuwe capaciteiten, teneinde ’s lands bevoorradingszekerheid te verzekeren.


In ieder geval wordt slechts het recht op een capaciteitsvergoeding of het recht op enige andere vorm van subsidie toegekend na de verkrijging door de Belgische Staat van de beslissing van de Europese Commissie volgens dewelke de steunmaatregelen bedoeld in dit artikel geen onverenigbare staatssteun vormen in de zin van artikel 107 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, of na het verstrijken van de termijnen bedoeld in artikel 4 van Verordening (EU) 2015/1589 van de Raad van 13 juli 2015 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van artikel 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.


De Koning bepaalt bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, na advies van de commissie en de netbeheerder, de financieringswijze van de maatregelen die krachtens dit artikel worden genomen. Dat besluit wordt geacht nooit uitwerking te hebben gehad, indien het niet bij wet bekrachtigd is binnen twaalf maanden na de datum van zijn inwerkingtreding.