HOOFDSTUK 1.
Structuur van de Vlaamse administratie


Afdeling 1.
Algemene bepalingen


Art. III.1. De Vlaamse administratie is opgebouwd op basis van homogene beleidsdomeinen. De Vlaamse Regering stelt de homogene beleidsdomeinen vast.

In elk beleidsdomein kunnen departementen, intern verzelfstandigde agentschappen zonder rechtspersoonlijkheid, intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid, publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen en privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen worden opgericht.

De Vlaamse Regering kan bij een departement of een agentschap adviesraden oprichten.

De Vlaamse Regering kan bij een intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid een raadgevend comité oprichten, tenzij een adviesraad als vermeld in het derde lid is opgericht.

In elk beleidsdomein richt de Vlaamse Regering een beleidsraad op. De beleidsraad is het forum waarop het politieke en het administratieve niveau overleg plegen en dat de Vlaamse Regering ondersteunt bij de aansturing van het beleidsdomein. De Vlaamse Regering bepaalt de samenstelling van de beleidsraad.

In afwijking van artikel I.3, 2°, e), worden de investeringsmaatschappijen van de Vlaamse overheid, vermeld in artikel I.3, 4°, w), x) en y), als een onderdeel van de Vlaamse administratie beschouwd voor de toepassing van dit hoofdstuk.

Art. III.2. De taken van beleidsuitvoering kunnen toevertrouwd worden aan de intern en extern verzelfstandigde agentschappen.

Beleidsondersteunende taken kunnen toevertrouwd worden aan de intern verzelfstandigde agentschappen en publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen.

In elk beleidsdomein worden tussen de minister, het departement en de verzelfstandigde agentschappen een structurele samenspraak en samenwerking uitgebouwd, met het oog op de optimale realisatie van de beleidsdoelstellingen, en met respect voor ieders taakstelling en verantwoordelijkheid. Vanuit hun taakstelling leveren de departementen en de verzelfstandigde agentschappen beleidsgerichte input.

Art. III.3. De Vlaamse Regering houdt een volledig en geactualiseerd overzicht bij van alle intern en extern verzelfstandigde agentschappen en hun eventuele statuten, en publiceert dat op de centrale website van de Vlaamse overheid.

Afdeling 2.
Intern verzelfstandige agentschappen met rechtspersoonlijkheid


Art. III.4. § 1. Intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid zijn rechtspersonen die onderworpen zijn aan het gezag van de Vlaamse Regering maar beschikken over operationele autonomie als vermeld in artikel III.5.

§ 2. Intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid worden opgericht bij decreet.

Het oprichtingsdecreet omvat een opsomming van de doelstellingen en taken die aan het intern verzelfstandigde agentschap met rechtspersoonlijkheid worden toevertrouwd. Bij het agentschap kan een raadgevend comité worden opgericht, tenzij bij het agentschap een adviesraad als vermeld in artikel III.1, derde lid, is opgericht.

Art. III.5. De intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid beschikken over operationele autonomie.

Deze operationele autonomie en de wijze waarop de Vlaamse Regering in dat kader ten aanzien van het hoofd van het agentschap van haar hiërarchisch gezag kan gebruikmaken, wordt op eenvormige wijze vastgesteld door de Vlaamse Regering. Er wordt in ieder geval operationele autonomie gewaarborgd voor:
1° de vaststelling en wijziging van de organisatiestructuur van het agentschap;
2° de organisatie van de operationele processen met het oog op de realisatie van de afgesproken doelstellingen;
3° de uitvoering van het personeelsbeleid;
4° de aanwending van de ter beschikking gestelde middelen voor:
a) de werking van het agentschap;
b) de uitvoering van de doelstellingen en taken van het agentschap;
c) het sluiten van contracten om de opdrachten van het agentschap te realiseren;
5° de organisatiebeheersing binnen het agentschap.

Art. III.6. Het hoofd van een intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid is het personeelslid dat, onverminderd de mogelijkheid tot delegatie en subdelegatie van die bevoegdheid, en in voorkomend geval bijgestaan door een adjunct, hierna algemeen directeur te noemen, door de Vlaamse Regering wordt belast met de algemene leiding, de werking en de vertegenwoordiging van het agentschap.

De Vlaamse Regering kan specifieke delegaties aan het hoofd van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid verlenen.

Afdeling 3.
Extern verzelfstandigde agentschappen


Onderafdeling 1.
Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen


Art. III.7. De publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen zijn rechtspersonen waarvan de rechtsvorm niet in overeenstemming is met de dwingende bepalingen van het private vennootschaps- of verenigingsrecht.

De publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen worden opgericht bij decreet.

Art. III.8. Ieder publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap heeft een raad van bestuur.

Art. III.9. § 1. De raad van bestuur en de managementfunctie van een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap worden volgens een van de volgende modellen gestructureerd:
1° de Vlaamse Regering stelt de gedelegeerd bestuurder aan die belast is met het dagelijks bestuur en, in voorkomend geval een algemeen directeur;
2° de raad van bestuur stelt het hoofd van het agentschap aan dat belast is met het dagelijks bestuur, en in voorkomend geval een algemeen directeur.

§ 2. De raad van bestuur kan bevoegdheden delegeren aan de organen die hij intern opricht, alsook aan, naargelang van het geval, het hoofd van het agentschap of de gedelegeerd bestuurder.

Art. III.10. § 1. De Vlaamse Regering stelt de leden van de raad van bestuur aan conform de bepalingen van hoofdstuk 2, afdeling 2, voor een hernieuwbare termijn van vijf jaar die in beginsel aanvangt zes maanden na de beëdiging van een nieuwe Vlaamse Regering na de algehele vernieuwing van het Vlaams Parlement. Als tussen de beëdiging van twee opeenvolgende regeringen minder of meer dan vijf jaar is verlopen, wordt deze termijn overeenkomstig aangepast.

Als in de loop van de termijn, vermeld in het eerste lid, een mandaat van lid van de raad van bestuur vrijkomt, stelt de Vlaamse Regering een nieuwe mandataris aan die het mandaat overneemt voor de nog resterende looptijd ervan.

In voorkomend geval wordt het mandaat van al de zittende bestuurders ambtshalve verlengd tot de Vlaamse Regering bij het verstrijken van de termijn die bepaald is overeenkomstig het eerste lid, de leden van de raad van bestuur heeft aangesteld.

§ 2. De Vlaamse Regering kan de leden van de raad van bestuur die ze heeft voorgedragen, op elk moment ontslaan.

§ 3. De Vlaamse Regering bepaalt de organieke regeling inzake de vergoeding van bestuurders.

Art. III.11. De bestuurders zijn verantwoordelijk voor de vervulling van de taak die aan hen opgedragen is en ze zijn aansprakelijk voor de tekortkomingen in hun bestuur. Ze zijn hetzij jegens het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap, hetzij jegens derden, hoofdelijk aansprakelijk voor alle schade die het gevolg is van overtreding van dit decreet, het oprichtingsdecreet van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap en de uitvoeringsbesluiten van die decreten.

De bestuurders worden van die aansprakelijkheid ontheven bij overtredingen waarbij ze niet betrokken waren, als hun geen schuld kan worden verweten en als ze die overtredingen hebben aangeklaagd bij de Vlaamse Regering binnen een maand nadat ze er kennis van hebben gekregen.

Art. III.12. § 1. Onder voorbehoud van eventuele andere onverenigbaarheden, is het mandaat van bestuurder van een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap onverenigbaar met:
1° een mandaat in het Europees Parlement, de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de Senaat, het Vlaams Parlement en het Brussels Hoofdstedelijk Parlement;
2° het ambt van minister of staatssecretaris en de hoedanigheid van kabinetslid van de minister onder het toezicht van wie het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap valt;
3° het ambt van personeelslid van het extern verzelfstandigde agentschap, de gedelegeerd bestuurder en de algemeen directeur in voorkomend geval uitgezonderd.

§ 2. Als een bestuurder de bepalingen van paragraaf 1 overtreedt, beschikt hij over een termijn van drie maanden om de mandaten of functies die tot de onverenigbaarheid aanleiding geven, neer te leggen.

Als de bestuurder nalaat de onverenigbare mandaten of functies neer te leggen, wordt hij na afloop van de termijn, vermeld in het eerste lid, van rechtswege geacht zijn mandaat in het agentschap te hebben neergelegd, zonder dat dit afbreuk doet aan de rechtsgeldigheid van de handelingen die hij inmiddels heeft gesteld of van de beraadslagingen waaraan hij inmiddels heeft deelgenomen. In zijn vervanging wordt voorzien overeenkomstig de bepalingen in artikel III.10.

Art. III.13. § 1. Een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap staat onder het toezicht van de Vlaamse Regering.

Dat toezicht wordt uitgeoefend door een regeringscommissaris aangesteld bij besluit van de Vlaamse Regering op voordracht van de bevoegde minister onder wie het agentschap ressorteert en door een regeringscommissaris die is aangesteld bij besluit van de Vlaamse Regering op voordracht van de Vlaamse minister, bevoegd voor de financiën en de begroting.

De regeringscommissaris houdt toezicht op de overeenstemming van de verrichtingen en de werking van het agentschap met het algemeen belang en waakt over de naleving van de wetten, decreten, ordonnanties en reglementaire besluiten, het organiek statuut van het agentschap en het ondernemingsplan. De regeringscommissaris die de Vlaamse Regering heeft aangewezen op voordracht van de Vlaamse minister, bevoegd voor de financiën en de begroting, oefent dezelfde toezichtsfunctie uit als de regeringscommissaris die is aangewezen op voordracht van de bevoegde minister onder wie het agentschap ressorteert voor alle beslissingen met een budgettaire of financiële weerslag.

§ 2. De regeringscommissaris of zijn plaatsvervanger zetelt met raadgevende stem in de raad van bestuur van het agentschap en in de comités die de raad van bestuur heeft ingesteld. Hij wordt uitgenodigd op alle vergaderingen van deze bestuursorganen en wordt op dezelfde manier als de leden ervan tijdig op de hoogte gebracht van de dagorde en alle bijbehorende documenten.

Hij is gemachtigd om zich alle documenten en inlichtingen met betrekking tot het bestuur van het betrokken agentschap, die hij nodig acht voor de uitoefening van zijn mandaat, te doen verstrekken.

Het agentschap stelt de menselijke en materiële middelen die nodig zijn voor de uitoefening van zijn mandaat, ter beschikking van de regeringscommissaris.

§ 3. De regeringscommissaris of zijn plaatsvervanger kan bij de minister die hem heeft voorgedragen of aangewezen, binnen een termijn van vier werkdagen een gemotiveerd beroep instellen tegen elke beslissing die hij strijdig acht met het algemeen belang, de wetten, decreten, ordonnanties en reglementaire besluiten, met het organieke statuut van het agentschap of met het ondernemingsplan. Het beroep is opschortend.

Deze termijn gaat in op de dag van de vergadering waarop de beslissing genomen is, als de regeringscommissaris daarvoor regelmatig uitgenodigd is, of, als dat niet het geval is, op de dag waarop hij er kennis van heeft gekregen.

§ 4. Als de minister, bij wie het beroep is ingesteld, binnen een termijn van tien werkdagen, die ingaat op dezelfde dag als de termijn, vermeld in paragraaf 3, de nietigverklaring niet heeft uitgesproken, wordt de beslissing definitief.

§ 5. De nietigverklaring van de beslissing wordt door de minister aan het betrokken bestuursorgaan betekend.

§ 6. Als de naleving van de wetten, decreten, ordonnanties en reglementaire besluiten, het organieke statuut van het agentschap of het ondernemingsplan dat vereist, kan de minister of de regeringscommissaris het bevoegde bestuursorgaan verplichten om, binnen de termijn die hij vastlegt, te beraadslagen over elke aangelegenheid die hij bepaalt.

§ 7. De Vlaamse Regering stelt de vergoedingen van de regeringscommissaris vast.

§ 8. De kosten die verbonden zijn aan de uitoefening van het ambt van regeringscommissaris zijn ten laste van het agentschap waarbij de toezichthouder is aangesteld.

Onderafdeling 2.
Privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen


Art. III.14. De privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen zijn de rechtspersonen waarvan de rechtsvorm volledig in overeenstemming is met de dwingende bepalingen van het private vennootschaps- of verenigingsrecht.

Art. III.15. De Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest kunnen een privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap oprichten of erin deelnemen, op grond van een machtiging die de decreetgever daartoe uitdrukkelijk heeft verstrekt. Die machtiging stelt de beleidsuitvoerende taken vast met het oog waarop die oprichting of deelname kan plaatsvinden, en de personeelsleden, infrastructuur en middelen die daarvoor aan de privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen ter beschikking kunnen worden gesteld.

Art. III.16. Tussen een privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap en de Vlaamse Regering, die optreedt voor de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest, wordt na onderhandeling een samenwerkingsovereenkomst gesloten over de samenwerking tussen de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest, enerzijds, en het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap, anderzijds, en, in voorkomend geval, over de aanwending van de personeelsleden, middelen en infrastructuur die aan het agentschap ter beschikking gesteld zijn.

De Vlaamse Regering houdt een volledig en geactualiseerd overzicht bij van de samenwerkingsovereenkomsten en publiceert dat op de centrale website van de Vlaamse overheid.

De Vlaamse Regering publiceert de jaarverslagen van de privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen op de centrale website van de Vlaamse overheid.

Afdeling 4.
Deelname in andere rechtspersonen


Art. III.17. De Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest en de intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid zijn gemachtigd om op grond van het private vennootschaps- of verenigingsrecht, instellingen, verenigingen en ondernemingen op te richten, erin deel te nemen of zich erin te laten vertegenwoordigen, als die oprichting, deelneming of vertegenwoordiging niet gebeurt met het oog op de overdracht van een publieke taak.

De machtiging, vermeld in het eerste lid, geldt niet voor participaties in het kader van Vlaamse publiek-private samenwerkingsprojecten.

Art. III.18. De extern verzelfstandigde agentschappen kunnen binnen de perken van hun maatschappelijk doel instellingen, verenigingen en ondernemingen oprichten, erin deelnemen of zich erin laten vertegenwoordigen.

Als deze oprichting, deelneming of vertegenwoordiging gebeurt met het oog op de uitvoering van taken van beleidsuitvoering waarmee het agentschap belast werd, moet daartoe een voorafgaande machtiging door de Vlaamse Regering worden verleend. De verleende machtigingen worden binnen dertig kalenderdagen meegedeeld aan het Vlaams Parlement.

Een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap kan de uitvoering van de taken van beleidsondersteuning waarmee het belast is niet overdragen aan de instellingen, verenigingen en ondernemingen die het opricht of waarin het deelneemt of vertegenwoordigd is.

Dit artikel is niet van toepassing op participaties in het kader van Vlaamse publiek-private samenwerkingsprojecten of op de oprichtingen en participaties van de investeringsmaatschappijen van de Vlaams overheid.

Afdeling 5.
Diverse bepalingen


Art. III.19. De Vlaamse Regering kan intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid en publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen, rekening houdend met hun autonomie in het dagelijks functioneren, verplichten om gemeenschappelijke dienstverlening af te nemen, zoals vastgesteld door de Vlaamse Regering.

Art. III.20. De intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid en de publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen worden met de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest gelijkgesteld voor de toepassing van de wetten en decreten over de indirecte en directe belastingen waarvoor de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest bevoegd is om het toepassingsgebied te bepalen.

Art. III.21. § 1. Op verzoek van een intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid of een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap, en met het akkoord van de Vlaamse Regering kunnen de personeelsleden die de Vlaamse Regering aanstelde belast worden met de invordering van de onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen, met de invordering van de administratieve geldboeten en met de invordering van de toebehoren in naam en voor rekening van het agentschap.

In dit artikel wordt verstaan onder toebehoren: interesten, invorderingskosten, rechtsplegingsvergoedingen, gerechtskosten en betekeningskosten.

De met invordering belaste personeelsleden zijn gemachtigd om de onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen, de administratieve geldboeten en de toebehoren in te vorderen op de wijze, vermeld in artikel 2 van het decreet van 22 februari 1995 tot regeling van de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen voor de Vlaamse Gemeenschap en de instellingen die eronder ressorteren voor de gemeenschapsaangelegenheden en in artikel 2 van het decreet van 22 februari 1995 tot regeling van de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen voor het Vlaamse Gewest en de instellingen die eronder ressorteren voor de gewestelijke aangelegenheden.

§ 2. Met behoud van de toepassing van specifieke regelingen in wetten, decreten en verordeningen, zijn de personeelsleden, vermeld in paragraaf 1, gemachtigd om, na instemming van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid of het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap in kwestie, aan de schuldenaars van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen, van administratieve geldboeten en van toebehoren die bijzondere omstandigheden kunnen bewijzen, uitstel van betaling toe te staan en gedeeltelijke betalingen vooreerst op het kapitaal aan te rekenen.

De personeelsleden, vermeld in paragraaf 1, kunnen, met instemming van het betrokken publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap of intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid in kwestie, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de schuld in intresten verlenen als de schuldenaar kennelijk onvermogend is.