Art. III.48.

Deze afdeling is van toepassing op de regeringscommissarissen die aangewezen zijn bij de volgende overheidsinstanties:

1 de publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen;

2 de privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen;

3 de Vlaamse openbare instellingen De Watergroep, de Vlaamse Radio- en Televisieomroep, het Vlaams Fonds voor de Letteren en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek;

4 de instanties die niet vallen onder punt 1 tot en met 3 maar die voldoen aan alle volgende kenmerken:

a) ze maken deel uit van de Vlaamse deelstaatoverheid of zijn in handen van de Vlaamse deelstaatoverheid en vallen onder het exclusief toezicht van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest, in overeenstemming met het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen, vermeld in verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie;

b) ze bezitten rechtspersoonlijkheid;

c) het Vlaamse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de intern verzelfstandigde agentschappen met rechtspersoonlijkheid, de extern verzelfstandigde agentschappen of hun rechtstreekse of onrechtstreekse dochterondernemingen hebben minimaal de helft van de stemmen in de algemene vergadering.

De universitaire instellingen, met inbegrip van hun patrimonium, en de hogescholen vallen niet onder het toepassingsgebied.

Onder regeringscommissaris wordt verstaan: de persoon die de Vlaamse Regering aanwijst, ongeacht de benaming van zijn mandaat, om opdrachten uit te oefenen inzake informatieverstrekking en controle van de wettelijkheid en het algemeen belang.