Afdeling 4.
Stuurorgaan Vlaams Informatie- en ICT-beleid


Art. III.74.

Er wordt een stuurorgaan Vlaams Informatie- en ICT-beleid opgericht.

 

Het stuurorgaan heeft, binnen de krijtlijnen van het strategische plan van de Vlaamse Regering, vermeld in artikel III.78, de volgende opdrachten:

1° afspraken maken en maatregelen nemen opdat het strategische plan, vermeld in artikel III.78, door de Vlaamse administratie wordt uitgevoerd;

2° initiatief nemen ter bevordering en ter bestendiging van de digitale dienstverlening;

3° aan de Vlaamse Regering alle nuttige maatregelen voorstellen die kunnen bijdragen tot een veilige en vertrouwelijke behandeling van persoonsgegevens of tot administratieve vereenvoudiging en digitalisering;

4° beraadslagen over alle relevante overkoepelende en entiteitsoverschrijdende aspecten van het inzetten van ICT-oplossingen die gebruikt worden binnen de processen van de Vlaamse administratie;

5° overleg plegen met het Voorzitterscollege, opgericht bij de beslissing van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2014.

 

Het stuurorgaan organiseert op regelmatige tijdstippen een overleg met de verschillende belanghebbenden om de eenvormigheid in beraadslagingen na te streven ter bevordering en bestendiging van de samenwerking tussen de Vlaamse administratie, lokale overheden en externe overheden op het vlak van het informatie- en het ICT-beleid.

 

Het stuurorgaan stelt, binnen de krijtlijnen van het strategische plan, vermeld in artikel III.78, technische voorschriften en richtlijnen voor de Vlaamse administratie en de lokale overheden vast over de aanmaak, het beheer, de uitwisseling, het gebruik, het hergebruik en de archivering van de gegevens en diensten van de Vlaamse administratie en de lokale overheden met het oog op de realisatie van een efficiënt en interoperabel gebruik van gegevens.


Art. III.75.

Het stuurorgaan staat het agentschap Informatie Vlaanderen in zijn hoedanigheid van dienstenintegrator bij in de vervulling van zijn opdrachten, en formuleert daarbij voorstellen en aanbevelingen.

 

Het stuurorgaan brengt advies uit over:

1° de mogelijke ontsluiting via de Vlaamse dienstenintegrator, vermeld in artikel 3 van het decreet van 13 juli 2012 houdende de oprichting en organisatie van een Vlaamse dienstenintegrator, en de geografische data-infrastructuur, vermeld in artikel 12 van het GDI-decreet van 20 februari 2009, van gegevensbronnen of authentieke gegevensbronnen en diensten;

2° de mogelijke aanpassing van de gegevensbronnen zodat, als dat mogelijk is, alleen authentieke gegevens worden ontsloten en als dusdanig kunnen worden erkend;

3° de optimalisering binnen de Vlaamse overheid en de lokale overheden van de aanmaak, het gebruik, het beheer van en de uitwisseling tussen gegevensbronnen en authentieke gegevensbronnen;

4° een gestructureerde aanpak bij de uitbouw van een stelsel van Vlaamse authentieke gegevensbronnen, met inbegrip van het promoten, begeleiden en coördineren van Vlaamse authentieke gegevensbronnen bij de Vlaamse overheid en de lokale overheden;

5° het gebruik van verwijzingen naar het gegeven in de gegevensbron of de authentieke gegevensbron voor gegevens die geheel of gedeeltelijk overlappen met een authentiek gegeven in een authentieke gegevensbron;

6° het vastleggen van regels voor de gegevensbron of de authentieke gegevensbron inzake de voorwaarden voor raadpleging door of mededeling van bepaalde gegevens.


Art. III.76.

Het stuurorgaan is samengesteld uit de volgende leden:

1° een vertegenwoordiger van N-niveau of N-1-niveau per beleidsdomein als vermeld in artikel III.1, op voorstel van de managementcomités van de respectieve beleidsdomeinen;

2° drie vertegenwoordigers van de lokale overheden, van wie één vertegenwoordiger van de provincies en twee vertegenwoordigers van de gemeenten;

3° een vertegenwoordiger van het agentschap Facilitair Bedrijf;

4° een vertegenwoordiger van het agentschap Informatie Vlaanderen;

5° twee externe innovators. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de aanstelling van die externe innovators en de vereisten waaraan ze moeten voldoen;

6° een vertegenwoordiger van de Vlaamse minister, bevoegd voor het informatiebeleid;

7° een vertegenwoordiger van de Vlaamse minister, bevoegd voor het IT-beleid.

 

De Vlaamse Regering kan de samenstelling, vermeld in het eerste lid, verder uitbreiden.

 

De leden, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 5°, zijn effectief stemgerechtigde leden. De leden, vermeld in het eerste lid, 6° en 7°, zijn waarnemende leden met raadgevende stem.

 

Op de wijze, vermeld in het eerste lid, wordt voor elke vertegenwoordiger in een plaatsvervangend lid voorzien. De plaatsvervanger van de voorzitter is een van de vertegenwoordigers, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 4°.

 

Het lidmaatschap van het stuurorgaan is onverenigbaar met een mandaat in het Europees Parlement, de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de Senaat, het Vlaams Parlement, het Brussels Hoofdstedelijk Parlement, de provincieraad, de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn, met het ambt van minister, staatssecretaris, gouverneur, burgemeester en met het lidmaatschap van een deputatie of een schepencollege.

 

De Vlaamse Regering kan de leden van het stuurorgaan ontslaan op eigen verzoek of om ernstige redenen.


Art. III.77. De Vlaamse Regering bepaalt de werking van het secretariaat dat belast is met de administratieve ondersteuning en de organisatie van het stuurorgaan en zijn werkgroepen, omschrijft, zo nodig, nader zijn bevoegdheden, bepaalt de nadere regels voor de werking en benoemt de voorzitter en de leden voor een termijn van vijf jaar, met uitzondering van de externe innovators, vermeld in artikel III.76, eerste lid, 5°, die voor een termijn van twee jaar worden benoemd.

Art. III.78.

De Vlaamse Regering bepaalt de strategie en de prioriteiten op het vlak van het informatie- en het ICT-beleid met een strategisch plan en voorziet in bindende afspraken binnen de Vlaamse administratie zelf, en om interoperabiliteit te bewerkstelligen tussen de Vlaamse administratie en de lokale overheden.

 

Het strategische plan kan de volgende informatie bevatten:

1° alle nuttige maatregelen die kunnen bijdragen tot een veilige en vertrouwelijke behandeling van persoonsgegevens of tot administratieve vereenvoudiging en digitalisering;

2° de regels voor de aanmaak, het beheer, de uitwisseling, het gebruik, het hergebruik en de archivering van de gegevens en diensten van de Vlaamse admi-nistratie en de lokale overheden met het oog op de realisatie van een efficiënt en interoperabel gebruik van gegevens;

3° beslissingen over entiteitsoverschrijdende aspecten van het inzetten van ICT-oplossingen die gebruikt worden binnen de processen van de Vlaamse admi-nistratie.