Art. III.76.

Het stuurorgaan is samengesteld uit de volgende leden:

1° een vertegenwoordiger van N-niveau of N-1-niveau per beleidsdomein als vermeld in artikel III.1, op voorstel van de managementcomités van de respectieve beleidsdomeinen;

2° drie vertegenwoordigers van de lokale overheden, van wie één vertegenwoordiger van de provincies en twee vertegenwoordigers van de gemeenten;

3° een vertegenwoordiger van het agentschap Facilitair Bedrijf;

4° een vertegenwoordiger van het agentschap Digitaal Vlaanderen;

5° twee externe innovators. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de aanstelling van die externe innovators en de vereisten waaraan ze moeten voldoen;

6° een vertegenwoordiger van de Vlaamse minister, bevoegd voor de digitalisering;

7° ...

 

De Vlaamse Regering kan de samenstelling, vermeld in het eerste lid, verder uitbreiden.

 

De leden, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 5°, zijn effectief stemgerechtigde leden. De leden, vermeld in het eerste lid, 6° en 7°, zijn waarnemende leden met raadgevende stem.

 

Op de wijze, vermeld in het eerste lid, wordt voor elke vertegenwoordiger in een plaatsvervangend lid voorzien. De plaatsvervanger van de voorzitter is een van de vertegenwoordigers, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 4°.

 

Het lidmaatschap van het stuurorgaan is onverenigbaar met een mandaat in het Europees Parlement, de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de Senaat, het Vlaams Parlement, het Brussels Hoofdstedelijk Parlement, de provincieraad, de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn, met het ambt van minister, staatssecretaris, gouverneur, burgemeester en met het lidmaatschap van een deputatie of een schepencollege.

 

De Vlaamse Regering kan de leden van het stuurorgaan ontslaan op eigen verzoek of om ernstige redenen.