Art. 4.1.6/1.
De netbeheerder zorgt met eigen personeel en middelen of via een werkmaatschappij voor de voorbereiding van de beslissingen over de volgende strategische en vertrouwelijke aangelegenheden voor het netbeheer:
1
de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van het distributienet of het plaatselijk vervoernet van elektriciteit;
2
de toegang tot het distributienet of het plaatselijk vervoernet van elektriciteit, de aansluiting en aansluitingsvoorwaarden, de technische voorwaarden en de tarieven;
3
de boekhouding met betrekking tot het netbeheer;
4
de uitbesteding van de werkzaamheden voor de aansluiting, het netbeheer en meterbeheer.
De netbeheerder en zijn werkmaatschappij kunnen geen beroep doen op producenten, invoerders van buitenlands aardgas, leveranciers of tussenpersonen of op ondernemingen die ermee verbonden of geassocieerd zijn, voor de uitvoering van de beslissingen over de volgende strategische en vertrouwelijke aangelegenheden voor het netbeheer:
1
contacten met de in aanmerking komende afnemers over de toegang tot het distributienet of het plaatselijk vervoernet van elektriciteit, de aansluitingsvoorwaarden, de technische voorwaarden en de tarieven;
2
de boekhouding met betrekking tot het netbeheer.
De Vlaamse Regering kan, na advies van de VREG, bepalen welke aanvullende aangelegenheden als strategisch en vertrouwelijk worden beschouwd in de zin van het eerste of tweede lid.
In afwijking van het eerste lid, kan de Vlaamse Regering de nadere voorwaarden bepalen waaronder de netbeheerder voor de uitoefening van zijn taken, vermeld in het eerste lid, toch een beroep kan doen op derden, met uitzondering van producenten, invoerders van buitenlands aardgas, leveranciers of tussenpersonen, bedrijven die als kerntaak het verwerken van data hebben of op ondernemingen die met die ondernemingen verbonden of geassocieerd zijn.