Art. 3.1.1.

§ 1

Elk toegangspunt vormt het voorwerp van een telling om de afname en/of de injectie van de actieve en/of reactieve energie te bepalen ten opzichte van het elektriciteitsdistributienet. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van een meetinrichting.

§ 2

Onder de voorwaarden en volgens de procedure vermeld in Onderafdeling 3. - Forfaitair bepaalde afname van de marktcode, kan met de elektriciteitsdistributienetbeheerder een forfaitaire vaststelling van de energiehoeveelheden worden afgesproken, zonder gebruik te maken van een meetinrichting.

§ 3

De meetgegevens, resulterend uit de in § 1 vermelde telling, aangevuld met de gegevens vermeld in § 2, dienen voor de verrekeningen tussen de verschillende partijen. Ze dienen eveneens als basis om een goed beheer van het elektriciteitsdistributienet en de gesloten distributienetten mogelijk te maken en voor informatiedoeleinden zoals beschreven in de datacode.